AI-geletterdheid: wat de AI Act van je organisatie vraagt

AI-geletterdheid is sinds februari 2025 verplicht en sinds 2 augustus 2026 handhaafbaar. Je leest wat de wet vraagt en wat je vooral niet hoeft te kopen.

Inhoudsopgave
    Twee collegas bespreken samen achter een laptop hoe ze AI-hulpmiddelen op het werk gebruiken

    AI-geletterdheid betekent dat de mensen die met kunstmatige intelligentie werken begrijpen wat zo’n systeem doet, waar het de mist in gaat en wanneer ze een antwoord niet zomaar moeten overnemen. Die verplichting staat sinds 2 februari 2025 in de Europese AI-verordening, en sinds 2 augustus 2026 mogen toezichthouders erop controleren. Het raakt inmiddels een groot deel van het bedrijfsleven. In 2025 gebruikte 29,8 procent van de bedrijven met 10 tot 249 werkzame personen een of meer AI-technologieën. Bij bedrijven met 250 of meer werkzame personen was dat 66,2 procent. Die cijfers komen van het CBS, het Centraal Bureau voor de Statistiek, dat in Nederland de officiële statistieken samenstelt.

    En er is iets gebeurd wat je op de Nederlandse pagina’s over dit onderwerp nog nauwelijks terugvindt. Op 27 juli 2026 is artikel 4 van de AI-verordening vervangen door een lichtere versie.

    Wat AI-geletterdheid volgens de wet is

    De AI-verordening is de Europese wet die regelt wat er met kunstmatige intelligentie wel en niet mag. Voluit heet hij Verordening (EU) 2024/1689. In artikel 3 staat een lijst met definities. Punt 56 omschrijft AI-geletterdheid als de vaardigheden, kennis en het begrip om AI geïnformeerd in te zetten. Daar hoort bij dat je de kansen, de risico’s en de mogelijke schade ziet.

    In gewone taal: je medewerkers hoeven geen model te kunnen bouwen. Ze moeten weten wat het gereedschap dat ze gebruiken wel en niet kan. Dat een taalmodel feiten verzint die overtuigend klinken, bijvoorbeeld. Dat een systeem dat op oude gegevens is getraind een scheve uitkomst geeft. Dat er informatie in een chatbot terechtkomt die je niet naar buiten wilt hebben.

    Wat er nadrukkelijk níet staat, is een norm. De wet noemt geen aantal uren, geen examen en geen niveau dat iedereen moet halen. Dat was in de oorspronkelijke tekst al zo en het is er sinds de wijziging van juli 2026 met zoveel woorden bij gezet.

    Voor wie de plicht geldt

    De wet richt zich op twee groepen. Aanbieders zijn de partijen die een AI-systeem bouwen of onder eigen naam op de markt brengen. Gebruiksverantwoordelijken zijn alle organisaties die een AI-systeem onder eigen verantwoordelijkheid gebruiken, van een ziekenhuis tot een gemeente tot een bedrijf van vier man. In de Engelse tekst heet die tweede groep deployers; in het Nederlands is het dus gebruiksverantwoordelijke, en dat is een woord dat je verder nergens tegenkomt.

    De grens ligt bij professioneel gebruik. Gebruik je een AI-systeem in een persoonlijke, niet-professionele activiteit, dan val je er niet onder. Zet je diezelfde chatbot in voor je werk, dan wel.

    Veel ondernemers denken dat ze buiten schot blijven omdat ze zelf niets bouwen. De Europese Commissie is het dagelijks bestuur van de Europese Unie: zij maakt wetsvoorstellen en ziet toe op de uitvoering. In een eigen vragenlijst over AI-geletterdheid beantwoordt zij die vraag letterlijk. Een bedrijf waarvan medewerkers ChatGPT gebruiken om advertentieteksten te schrijven of teksten te vertalen, valt onder artikel 4. Zulke medewerkers moeten worden geïnformeerd over de specifieke risico’s, en de Commissie noemt daarbij het verschijnsel dat een model feiten verzint.

    De plicht strekt zich ook uit tot mensen die niet bij je in dienst zijn. De wettekst spreekt over het personeel én andere personen die namens jou AI-systemen exploiteren en gebruiken. Een ingehuurde specialist die met jouw systeem werkt, hoort daar dus bij.

    Artikel 4 is op 27 juli 2026 juist versoepeld

    Op 8 juli 2026 stelden het Europees Parlement en de Raad Verordening (EU) 2026/1744 vast, de Digitale omnibus inzake AI. Dat is een wijzigingswet die de uitvoering van de AI-regels moet vereenvoudigen. Hij is op 24 juli 2026 in het Publicatieblad van de Europese Unie verschenen en op 27 juli 2026 in werking getreden. Onderdeel 5 van die verordening vervangt artikel 4 volledig.

    In de tabel hieronder zie je wat er precies is veranderd: de kern van de oude bepaling naast de kern van de nieuwe. Let op het werkwoord, want daar zit het verschil.

    Tot 27 juli 2026Sinds 27 juli 2026
    Aanbieders en gebruiksverantwoordelijken nemen maatregelen om, zoveel als mogelijk, te zorgen voor een toereikend niveau van AI-geletterdheid bij hun personeelAanbieders en gebruiksverantwoordelijken nemen maatregelen om de ontwikkeling van AI-geletterdheid van hun personeel te ondersteunen
    Geen bepaling over het te bereiken niveauDeze verplichting houdt niet in dat aanbieders of gebruiksverantwoordelijken een bepaald niveau van AI-geletterdheid moeten waarborgen voor personen
    Eén alinea, verder geen ledenTwee extra leden: de Commissie en de lidstaten helpen kleine bedrijven, en de AI-board stelt aanbevelingen op
    Bron: Verordening (EU) 2024/1689, artikel 4, zoals gewijzigd door Verordening (EU) 2026/1744.

    Zorgen voor een toereikend niveau is een resultaat. De ontwikkeling ondersteunen is een inspanning. Dat is juridisch een wezenlijk verschil. In overweging 8 legt de wetgever uit waarom hij het heeft aangepast. Strenge verplichtingen die een toereikend niveau waarborgen bleken niet te passen bij alle soorten aanbieders en gebruiksverantwoordelijken. Ze brachten bovendien extra regeldruk mee, vooral voor kleinere ondernemingen.

    Wie op dit moment zoekt op AI-geletterdheid, komt vrijwel uitsluitend op pagina’s van aanbieders van AI-trainingen terecht. Een deel daarvan citeert nog de oude tekst en schrijft dat medewerkers over voldoende AI-geletterdheid moeten beschikken. Dat is sinds 27 juli 2026 niet meer wat er staat.

    Wat er wel is uitgesteld

    Dezelfde omnibus schuift een ander deel van de AI-verordening juist naar achteren, en dat leidt tot een misverstand dat je nu overal tegenkomt: dat de AI Act zou zijn uitgesteld. Uitgesteld zijn de zware eisen aan systemen met een hoog risico. Voor de systemen uit bijlage III, zoals AI in werving en selectie of in de kredietverlening, verschuift de datum van 2 augustus 2026 naar 2 december 2027. Voor de systemen uit bijlage I, waarbij AI in een gereguleerd product zit, gaat 2 augustus 2027 naar 2 augustus 2028.

    De geletterdheidsplicht zit in hoofdstuk I van de verordening en die datum is niet aangeraakt: hoofdstuk I geldt onverkort vanaf 2 februari 2025. Ook de transparantieregels van artikel 50 blijven staan op 2 augustus 2026. Daarom moet je sindsdien bij een chatbot melden dat het geen mens is, en moet AI-content herkenbaar zijn gemarkeerd. Die verplichting hebben we apart uitgewerkt bij de voordelen en nadelen van AI-teksten.

    Er staat geen boete van 15 miljoen euro op artikel 4

    Dit is de hardnekkigste fout in het Nederlandse aanbod. Meerdere goed vindbare pagina’s schrijven dat overtreding van de geletterdheidsplicht onder artikel 99 lid 4 valt en tot 15 miljoen euro of 3 procent van de wereldwijde jaaromzet kan kosten. Artikel 99 is het sanctieartikel van de AI-verordening, en het noemt per bedrag precies op welke artikelen het slaat. Artikel 4 staat er niet tussen.

    De tabel hieronder zet de drie boetecategorieën uit dat artikel op een rij, met daaronder de plek waar AI-geletterdheid volgens de wettekst valt.

    Waarop de boete staatMaximumbedragOf, als dat hoger is
    Verboden AI-toepassingen (artikel 5)35 miljoen euro7 procent van de wereldwijde jaaromzet
    Verplichtingen rond systemen met een hoog risico en de transparantieregels (onder meer de artikelen 16, 22 tot en met 26, 31, 33, 34 en 50)15 miljoen euro3 procent van de wereldwijde jaaromzet
    Onjuiste of misleidende informatie aan een toezichthouder7,5 miljoen euro1 procent van de wereldwijde jaaromzet
    AI-geletterdheid (artikel 4)komt in de opsomming niet voorgeen
    Bron: Verordening (EU) 2024/1689, artikel 99, inclusief de wijziging door Verordening (EU) 2026/1744.

    De omnibus heeft die opsomming in juli 2026 nog uitgebreid, met de verplichtingen uit artikel 25. Artikel 4 is er opnieuw niet aan toegevoegd. Dat is geen slordigheid van de wetgever maar een keuze, en overweging 8 zegt er ook iets over: AI-geletterdheid moet een strategische prioriteit zijn, los van verplichtingen en mogelijke sancties.

    Toch is het te kort door de bocht om te zeggen dat er niets kan gebeuren. Artikel 99 lid 1 draagt de lidstaten op om zelf regels vast te stellen voor sancties en andere handhavingsmaatregelen bij elke inbreuk op de verordening. Waarschuwingen en maatregelen zonder geldbedrag horen daar uitdrukkelijk bij. Wat een land daarvan maakt, is dus nationale wetgeving. En daar zit in Nederland precies het gat.

    Nederland heeft het toezicht nog niet geregeld

    Om de Europese verordening in Nederland te kunnen handhaven is een aparte wet nodig die aanwijst wie de toezichthouder is en welke sancties die mag opleggen. Die wet heet de Uitvoeringswet AI-verordening. Het kabinet zette het conceptvoorstel op 20 april 2026 online voor consultatie, een ronde waarin iedereen commentaar kan geven, en die liep tot 1 juni 2026.

    In dat voorstel worden de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur en de Autoriteit Persoonsgegevens de coördinerende toezichthouders. De eerste houdt toezicht op digitale infrastructuur en apparatuur en wordt het vaste aanspreekpunt voor Nederland. De tweede waakt in Nederland over persoonsgegevens en algoritmen. Voor de financiële sector komen de Autoriteit Financiële Markten en De Nederlandsche Bank in beeld, voor de vitale infrastructuur de Inspectie Leefomgeving en Transport.

    Daarna moeten de ministerraad, de Raad van State en beide Kamers zich er nog over buigen. Op het moment van schrijven, begin september 2026, ligt het wetsvoorstel er dus nog niet. Wat een Nederlandse sanctie op artikel 4 straks precies inhoudt, is daarmee onbekend, en of een toezichthouder er actief op gaat controleren evenmin.

    Wat dit in de praktijk van je vraagt

    Ons oordeel: de plicht is echt, maar het certificaat dat erbij verkocht wordt niet. De Europese Commissie schrijft in haar vragenlijst dat er geen certificaat nodig is en dat organisaties een eigen administratie van trainingen en andere initiatieven kunnen bijhouden. Er worden geen strikte eisen of verplichte cursussen opgelegd, staat er in dezelfde tekst.

    Wat de Commissie wél te weinig vindt, is je personeel naar de handleiding van een AI-systeem verwijzen en het daarbij laten. Dat is de ondergrens waar je overheen moet.

    Begin daarom bij een inventarisatie: welke AI-systemen worden er in je organisatie gebruikt, door wie, en waarvoor. In veel bedrijven blijkt dat lijstje langer dan verwacht, omdat medewerkers zelf tools zijn gaan gebruiken. Bepaal daarna per groep wat iemand moet weten. Wie klantcontact via een chatbot laat lopen heeft andere kennis nodig dan wie een model op eigen data traint.

    Leg vervolgens vast wat je hebt gedaan. Een werkinstructie, een halfuur uitleg in een teamoverleg, een notitie over welke gegevens er niet in een chatbot mogen: het telt allemaal mee, zolang je het kunt laten zien. De Commissie publiceert op haar eigen informatieplatform praktijkvoorbeelden van organisaties die dit al hebben ingericht, en die verzameling is gratis in te zien.

    Blijft de vraag waarom je dit zou doen als er geen Europese boete op staat. Omdat het risico ergens anders zit. Gaat er iets mis, bijvoorbeeld een verzonnen bedrag in een offerte of klantgegevens in een openbare tool, dan is de vraag of jouw mensen wisten waar ze mee werkten. Kun je dan laten zien dat je er iets aan hebt gedaan, dan sta je er heel anders voor. Voor wie zich verder in de bedrijfskant wil verdiepen, staat het bredere overzicht in onze artikelen over ondernemen.

    Veelgestelde vragen over AI-geletterdheid

    Is AI-geletterdheid verplicht?

    Ja. Artikel 4 van de Europese AI-verordening geldt sinds 2 februari 2025 voor iedereen die AI-systemen aanbiedt of beroepsmatig gebruikt. Sinds 27 juli 2026 luidt de verplichting dat je maatregelen neemt om de ontwikkeling van AI-geletterdheid te ondersteunen. Je hoeft geen bepaald niveau te garanderen.

    Moet ik een cursus of certificaat kopen?

    Nee. De Europese Commissie, het dagelijks bestuur van de EU, schrijft in haar vragenlijst over AI-geletterdheid dat er geen certificaat nodig is en dat er geen verplichte trainingen worden opgelegd. Een eigen administratie van wat je hebt gedaan volstaat. Een cursus mag natuurlijk wel, maar hij is geen wettelijke eis.

    Geldt de plicht ook als we alleen ChatGPT gebruiken?

    Ja. De Commissie beantwoordt die vraag met zoveel woorden: een bedrijf waarvan medewerkers ChatGPT gebruiken voor advertentieteksten of vertalingen valt onder artikel 4. Die medewerkers moeten weten welke risico’s daaraan vastzitten, om te beginnen dat het model feiten kan verzinnen. Gebruik je zo’n tool privé en niet voor je werk, dan geldt de plicht niet.

    Wie controleert dit in Nederland?

    Dat ligt nog niet vast. In het conceptvoorstel voor de Uitvoeringswet AI-verordening worden de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur en de Autoriteit Persoonsgegevens de coördinerende toezichthouders, met de Autoriteit Financiële Markten en De Nederlandsche Bank voor de financiële sector. Die wet is nog niet aangenomen. Europees mogen toezichthouders sinds 2 augustus 2026 op de regels toezien.

    Hoe leg ik vast dat we eraan voldoen?

    Houd bij welke AI-systemen je gebruikt, wie ermee werkt en wat je die mensen hebt meegegeven. Een werkinstructie, de datum van een uitlegsessie en een korte notitie over wat er niet in een AI-tool mag, zijn samen al een dossier. De wet schrijft geen vorm voor, dus de vorm die jij kunt volhouden is de goede.

    Bronnen

    Eerste publicatie op: 2 september 2026
    Geschreven door: Team Kennisdomein
    Van Kennisdomein
    Team Kennisdomein bestaat uit specialisten die hun sporen hebben verdiend. Het team zorgt voor invulling van Kennisdomein vanuit de passie voor schrijven en het delen van kennis met anderen. De specialisten willen graag meer inzicht creëren in tal van onderwerpen zodat...
    Meer informatie

    Aanbevolen artikelen

    Zelfstandige met een mitella aan de keukentafel tussen zijn papierwerk
    Over ondernemen
    De verplichte AOV voor zelfstandigen is nog een wetsvoorstel. Je leest wat erin staat, wanneer hij er kan ...
    Zelfstandige met laptop aan een werktafel tussen medewerkers van het bedrijf waarvoor hij werkt
    Over ondernemen
    Schijnzelfstandigheid is sinds 2025 weer een naheffingsrisico. Je leest wat de Belastingdienst controleert...
    Meeting met grillige stemming
    Over ondernemen
    Een gezonde bedrijfscultuur wordt zelden in één keer opgebouwd, maar kan wel in korte tijd worden ondermij...
    2026 fiscale regels voor ondernemers
    Over ondernemen
    2026 brengt geen spectaculaire stelselwijziging, maar wél een reeks fiscale aanpassingen die voor ondernem...
    Meer artikelen over Over ondernemen