Wie betaalt je opleiding? De regelingen en subsidies in 2026
Wie betaalt je opleiding nu het STAP-budget weg is? Je leest welke regelingen in 2026 nog bestaan, wie er recht op heeft en waar het geld echt zit.
Het korte antwoord is dat de overheid je opleiding niet meer betaalt. Sinds 1 januari 2024 is het STAP-budget van duizend euro per jaar weg, en een landelijke opvolger kwam er niet. Studiekosten aftrekken van de belasting kan al sinds 1 januari 2022 niet meer. Wat er wel is, loopt via je werkgever, via je cao of via een lening bij DUO. Dat is de Dienst Uitvoering Onderwijs, die studiefinanciering en studieleningen regelt. Dat klinkt karig, maar de grootste pot geld heeft nooit bij het Rijk gelegen.
Het STAP-budget komt niet terug
STAP stond voor stimulering arbeidsmarktpositie. Wie een band had met de Nederlandse arbeidsmarkt, kon er eens per jaar 1.000 euro mee aanvragen. De opleiding koos je zelf. UWV, het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen dat werkloosheids- en arbeidsongeschiktheidsuitkeringen verstrekt, voerde de regeling uit. Sinds 1 januari 2024 kun je niets meer aanvragen.
Op veel opleidingssites staat nog altijd een pagina over de opvolger van STAP, en die wijst dan naar de SLIM-regeling. Dat klopt niet. SLIM is een subsidie voor werkgevers, jij kunt hem niet aanvragen, en hij betaalt geen cursusgeld. Verderop lees je wat SLIM dan wel doet.
Er ligt wel een plan. Op 9 juli 2026 ging de brief De toekomst van Leven Lang Ontwikkelen naar de Tweede Kamer. Hij komt van de ministers van Sociale Zaken, van Onderwijs en van Economische Zaken. Als bijlage zit de eindrapportage van de evaluatie van STAP erbij. De vaste Kamercommissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid behandelt de brief op 8 september 2026. Zolang daar geen wetgeving uit komt, verandert er voor jou niets. Er is nu geen enkele landelijke regeling waarbij je als particulier scholingsgeld aanvraagt.
De routes die er nog wel zijn
In de tabel hieronder staan de zes routes die in 2026 open zijn. Per route zie je wie hem gebruikt, wat hij oplevert en waar de grens ligt. Daarna nemen we ze een voor een door.
| Route | Voor wie | Wat het oplevert | De grens |
|---|---|---|---|
| Je werkgever, wettelijk verplicht | Werknemers | Scholing kosteloos en onder werktijd | Alleen bij scholing die de wet of de cao verplicht stelt |
| Het fonds uit je cao | Werknemers in sectoren met een opleidingsfonds | Vergoeding van cursusgeld, loopbaanadvies, soms een eigen budget | Verschilt per sector en staat in je cao |
| Levenlanglerenkrediet | Studerenden van 30 tot 57 jaar zonder studiefinanciering | Lening voor het collegegeld of lesgeld | Alleen erkende mbo-, hbo- en wo-opleidingen |
| Scholingsregeling WW | Mensen met een WW-uitkering | Je uitkering loopt door tijdens de opleiding | UWV moet de scholing noodzakelijk vinden en betaalt de rekening niet |
| Subsidies voor je werkgever | Werkgevers, vooral in het mkb | Geld voor begeleiding, advies en praktijkleerplaatsen | Je werkgever vraagt aan, jij niet |
| Je eigen winstaangifte | Zelfstandigen | De opleiding gaat als zakelijke kost van je winst af | Alleen bij een opleiding voor je onderneming |
Wat je werkgever verplicht moet betalen
De sterkste regel staat in het Burgerlijk Wetboek, het wetboek waarin ons arbeidsrecht is vastgelegd. Het eerste lid van artikel 7:611a zegt dat je werkgever je in staat stelt scholing te volgen die je nodig hebt voor je functie. Hij moet je die kans dus geven, en de tijd om het te doen. Wie de rekening betaalt, staat er niet in. Dat regelt het tweede lid.
Het tweede lid gaat verder en geldt sinds 1 augustus 2022. Is je werkgever verplicht om je die scholing te geven, dan wordt zij in de woorden van de wet kosteloos aangeboden. Ze telt bovendien als arbeidstijd en vindt zo mogelijk onder werktijd plaats. Die verplichting kan uit Europees of Nederlands recht komen, uit een cao of uit een besluit van een bevoegd bestuursorgaan.
En dan het lid waar de meeste mensen iets aan hebben. Het vierde lid verklaart een studiekostenbeding over zulke scholing nietig. Een afspraak die de kosten op je verhaalt of met je loon verrekent, telt dus niet. Nietig is daarbij scherper dan ongeldig: de afspraak heeft juridisch nooit bestaan, ook niet als je ervoor tekende. Het vijfde lid verbiedt je werkgever bovendien om je te benadelen omdat je je op die rechten beroept.
Hier gaat het in de praktijk mis. Verplichte scholing is niet alles wat je leidinggevende graag wil. Het gaat om scholing die de wet of de cao voorschrijft voor het werk waarvoor je bent aangenomen. Denk aan een periodieke veiligheidstraining of een verplichte vakbekwaamheid. Een diploma dat je nodig hebt om het beroep te mogen uitoefenen, valt er in beginsel juist buiten. Tenzij je cao daar iets anders over afspreekt. Veel pagina’s presenteren de glijdende schaal, waarbij je bij vertrek een deel terugbetaalt, nog steeds als de standaard. Die schaal mag alleen bij scholing die niet onder het tweede lid valt.
Voor alles daarbuiten geldt: vergoeden mag, moeten hoeft niet. Wel is het voor je werkgever fiscaal aantrekkelijk. De Wet op de loonbelasting 1964 kent daarvoor in artikel 31a een gerichte vrijstelling. Die geldt voor het onderhouden en verbeteren van kennis en vaardigheden. Daarnaast geldt ze voor een opleiding of studie die je volgt om er inkomen mee te verwerven. Zo’n vergoeding is onbelast. Ze gaat ook niet ten koste van de vrije ruimte, het bedrag dat je werkgever per jaar onbelast aan andere extraatjes mag besteden. Dat is een argument dat je gerust op tafel mag leggen.
Het opleidingsbudget in je cao
Dit is de route waar het meeste geld zit en waar de minste mensen naar vragen.
In tientallen sectoren hebben werkgevers en vakbonden in de cao een opleidings- en ontwikkelingsfonds afgesproken, meestal afgekort tot O&O-fonds. Zo’n fonds wordt bestuurd door de werkgevers- en werknemersorganisaties uit die sector. Het wordt gevuld met een premie over de loonsom, die je werkgever afdraagt. Dat geld is er dus al, en het is via je arbeidsvoorwaarden opgebracht. Wat je eruit kunt halen verschilt sterk. De een vergoedt cursusgeld tot een vast bedrag. De ander biedt loopbaanadvies, of een persoonlijk ontwikkelbudget dat ook buiten de sector geldt.
Zoek dus eerst op welke cao voor jouw bedrijf geldt. Typ daarna de naam van die cao in plus het woord opleidingsfonds. Staat er een fonds, dan heeft dat vrijwel altijd een eigen website met een aanvraagformulier.
Wat we je niet kunnen vertellen, is hoeveel er landelijk in die fondsen omgaat en hoeveel daarvan blijft liggen. Een actueel totaaloverzicht van alle sectorfondsen bestaat niet. De bedragen die rondgaan, komen uit oudere schattingen die we hier niet als feit willen opvoeren.
Lenen bij DUO met het levenlanglerenkrediet
Het levenlanglerenkrediet is een lening, geen gift. Je leent het collegegeld of lesgeld bij DUO en betaalt het daarna terug, net als een gewone studielening. In aanmerking kom je als je 30 bent of ouder en jonger dan 57. Daarnaast moet je recht op studiefinanciering voorbij zijn. Ook mag je collegegeld niet al volledig door iemand anders worden vergoed. Ben je jonger dan 30, dan kan het maar in twee gevallen. Het eerste is een tweede opleiding na een hbo-bachelor of universitaire master. Het tweede is een deeltijdopleiding aan een hogeschool of aan een van de universiteiten in Nederland.
De belangrijkste beperking wordt vaak over het hoofd gezien. Het krediet geldt alleen voor erkende opleidingen die in het Register Instellingen en Opleidingen staan. Dat is de landelijke registratie van onderwijsinstellingen en hun opleidingen. Een losse cursus of een training van een particuliere aanbieder valt er dus buiten, hoe nuttig die ook is.
Hieronder zie je hoeveel je in het studiejaar 2026-2027 maximaal per jaar kunt lenen. Welk bedrag voor jou geldt, hangt af van het soort opleiding en van het tarief dat je school rekent.
| Soort opleiding | Bij het wettelijke tarief | Bij een instellingstarief |
|---|---|---|
| Hbo of universiteit | 2.694 euro | Maximaal 13.470 euro |
| Mbo | 1.511 euro | Maximaal 7.555 euro |
Het wettelijke tarief is het collegegeld dat de overheid vaststelt voor voltijdstudenten die aan de standaardvoorwaarden voldoen. Het instellingstarief is het hogere bedrag dat een school mag rekenen als je daar niet aan voldoet. Bijvoorbeeld omdat je al een diploma op hetzelfde niveau hebt.
Scholing volgen met een WW-uitkering
Met een WW-uitkering mag je een opleiding volgen zonder dat je uitkering stopt. Wel moet UWV die opleiding noodzakelijk vinden. De Scholingsregeling WW stelt daar drie eisen aan. Zo’n opleiding moet bestaan uit het systematisch verwerven van kennis of vaardigheden. Dat gaat volgens een vooraf vastgesteld programma waarin je wordt getoetst. Verder moet je zonder die opleiding geen passend beroep kunnen uitoefenen. En de scholing moet relevant zijn voor de arbeidsmarkt. De opleiding duurt in beginsel maximaal een jaar; in individuele gevallen mag UWV langer toestaan.
De regeling betaalt je rekening dus niet; alleen je uitkering loopt door. Dat verschil raakt zoek op talloze opleidingspagina’s die nog een UWV-scholingsbudget van enkele duizenden euro’s aanbieden. Het budget bestond echt. De Regeling tijdelijk scholingsbudget UWV 2022 gaf UWV voor dat jaar 14 miljoen euro om scholing in te kopen. Op 1 januari 2023 verviel die regeling. Kom je zo’n aanbod tegen, vraag dan eerst wie het bedrag betaalt voordat je je inschrijft.
Wat je werkgever kan aanvragen
De SLIM-regeling heet voluit de stimuleringsregeling leren en ontwikkelen in mkb-ondernemingen. Zij subsidieert vier soorten activiteiten:
- een adviseur die de onderneming doorlicht en een ontwikkelplan opstelt;
- loopbaan- en ontwikkeladviezen voor medewerkers;
- een methode om leren op de werkvloer te stimuleren, zoals een eigen bedrijfsschool;
- een praktijkleerplaats in de derde leerweg, de mbo-route voor volwassenen en zij-instromers.
Het betalen van cursusgeld staat er niet bij. Wie SLIM als vervanger van STAP presenteert, verkoopt je een regeling die iets anders doet. Bovendien kan hij niet op jouw naam staan.
Concreter is de Subsidieregeling praktijkleren van RVO, de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland die subsidies voor ondernemers uitvoert. Een werkgever die een leerwerkplek aanbiedt, krijgt daarvoor over het studiejaar 2025-2026 maximaal 2.800 euro per praktijkleerplaats. Dat is de financiering achter een bbl-opleiding, de beroepsbegeleidende leerweg waarin je werkt en leert tegelijk. Jij verdient loon, je werkgever krijgt een bijdrage in de begeleidingskosten. Voor het afgelopen studiejaar loopt de aanvraagtermijn tot 17 september 2026 om 17.00 uur, en die datum is hard.
Wat geldt als je voor jezelf werkt
Als zelfstandige heb je geen werkgever en meestal ook geen cao-fonds. Wat je wel hebt, is je winstaangifte. Een opleiding die je voor je onderneming volgt, is een zakelijke kostenpost en gaat van je winst af. Dat is geen subsidie. Afhankelijk van je tarief scheelt het toch al snel een derde tot bijna de helft van de rekening.
Werk je vooral voor dezelfde opdrachtgever, let dan op iets anders. Een opdrachtgever die jouw opleiding betaalt en je verplicht die te volgen, levert een aanwijzing op voor schijnzelfstandigheid. Dat is zelden reden om af te zien van de opleiding. Wel om de afspraak in de overeenkomst netjes vast te leggen.
Wat er in 2027 kan veranderen
Twee momenten zijn de moeite van het volgen waard. Op 8 september 2026 bespreekt de Kamercommissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid de kabinetsbrief. Die gaat over de toekomst van leren naast je werk. Een week later, op Prinsjesdag van 15 september 2026, komt het Belastingplan. Dat kan vervolgens de fiscale kant van scholing raken, van de gerichte vrijstelling tot een nieuwe regeling.
Ons advies is om daar niet op te wachten. Ook als er een nieuwe regeling komt, duurt het vanaf zo’n brief nog jaren voor je iets kunt aanvragen. De route die vandaag werkt, ligt bij je werkgever en bij je cao. Die kost je niet meer dan een gesprek en een zoekopdracht.
Veelgestelde vragen over wie je opleiding betaalt
Bestaat er in 2026 nog subsidie voor mijn opleiding?
Niet als particulier. Sinds het STAP-budget op 1 januari 2024 stopte, is er geen landelijke regeling meer waarbij je zelf scholingsgeld aanvraagt. De subsidies die er zijn, zoals SLIM en de Subsidieregeling praktijkleren, lopen via je werkgever. Wat voor jou overblijft is het fonds uit je cao, een vergoeding door je werkgever of een lening bij DUO.
Moet mijn werkgever mijn opleiding betalen?
Alleen als de wet of je cao die scholing verplicht stelt voor het werk waarvoor je bent aangenomen. Dan is zij op grond van artikel 7:611a van het Burgerlijk Wetboek kosteloos en telt zij als arbeidstijd. Voor alle andere opleidingen mag je werkgever vergoeden, maar hij hoeft niet.
Mag mijn werkgever studiekosten terugvorderen als ik vertrek?
Bij verplichte scholing niet. Een beding dat die kosten op je verhaalt of met je loon verrekent, is nietig. Dat geldt ook als het beding al bestond op 1 augustus 2022. Ging het om een opleiding die niet verplicht was, dan mag een terugbetalingsregeling wel. Voorwaarde is dat die redelijk is en in de tijd afneemt.
Kan ik studiekosten aftrekken van de belasting?
Als particulier niet meer. De Belastingdienst schrapte studiekosten en andere scholingsuitgaven per 1 januari 2022 als aftrekpost in de aangifte. Voor ondernemers ligt het anders: scholing die je voor je onderneming volgt, blijft een zakelijke kostenpost in je winstaangifte.
Kan ik een opleiding volgen met een WW-uitkering?
Ja, als UWV de opleiding noodzakelijk vindt. Dat betekent dat je zonder die scholing geen passend beroep kunt uitoefenen. Ook moet de opleiding relevant zijn voor de arbeidsmarkt. Je uitkering loopt dan door, in beginsel maximaal een jaar. Vraag het altijd vooraf, en houd er rekening mee dat UWV, de uitvoerder van de werknemersverzekeringen, het cursusgeld niet betaalt.
Bronnen
- UWV, STAP-budget voor scholing en ontwikkeling. De regeling en de einddatum van 1 januari 2024.
- Burgerlijk Wetboek Boek 7, artikel 611a. De scholingsplicht, de kosteloze verplichte scholing en het nietige studiekostenbeding.
- Belastingdienst, persoonsgebonden aftrek. Studiekosten zijn vanaf 1 januari 2022 niet meer aftrekbaar.
- DUO, bedragen en uitbetaling levenlanglerenkrediet. De maximumbedragen voor studiejaar 2026-2027.
- Scholingsregeling WW. Wanneer scholing noodzakelijk is en hoe lang zij mag duren.
- Rijksoverheid, SLIM-regeling. De vier activiteiten die de subsidie dekt.
- RVO, Subsidieregeling praktijkleren. Het maximumbedrag per praktijkleerplaats en de aanvraagtermijn.





