Naar de inhoud

Uitleg over hoe iets werkt, in gewone taal.

Maatschappelijk

De ontwikkeling van een peuter: mijlpalen per leeftijd

In de ontwikkeling van een peuter volgen de mijlpalen elkaar snel op. Lees wat je peuter leert in taal, motoriek en gedrag.

Bijgewerkt op 7 minuten lezen
Twee peuters buiten aan het spelen op de grond

De ontwikkeling die in de babytijd is ingezet, gaat in de peuterjaren in hoog tempo door. Je kind leert lopen, klimmen en praten, merkt dat het een eigen wil heeft en gaat samen spelen met leeftijdsgenootjes. Tegelijk komen de eerste driftbuien.

De ontwikkelingsfase van een peuter

Kinderen krijgen tijdens hun ontwikkeling verschillende benamingen. Ze worden geboren als baby en heten daarna bij sommigen een dreumes, al slaat de pedagogiek die term vaak over. Meestal noemen we een kind een peuter vanaf ongeveer 1,5 tot 4 jaar.

In die periode heeft je kind verschillende ontwikkelingstaken: vaardigheden die het leert beheersen. De jeugdgezondheidszorg volgt die taken met het Van Wiechenonderzoek, dat in Nederland geldt als de standaard om de ontwikkeling van kinderen van 0 tot 4 jaar te volgen. Ieder kind gaat in een eigen tempo. Een klein verschil is geen probleem; een grotere afwijking kan wijzen op iets wat aandacht vraagt. Daarom helpt het om te weten wat gemiddeld wanneer komt.

De motorische ontwikkeling van een peuter

Na de eerste verjaardag gaat de motoriek hard. Je kind leert lopen en grijpen, en zodra het loopt komt de rest: klimmen en klauteren, op de tenen lopen, traplopen en fietsen op een driewieler. Ook de fijne motoriek ontwikkelt zich verder: je peuter kleedt zichzelf steeds beter aan en eet zelfstandiger. Tussen anderhalf en twee jaar zijn de meeste kinderen ook klaar om zindelijk te worden.

MijlpaalMediane leeftijdSpreiding
Los zitten5,9 maanden3,8 tot 9,2 maanden
Kruipen op handen en knieën8,3 maanden5,2 tot 13,5 maanden
Los staan10,8 maanden6,9 tot 16,9 maanden
Los lopen12,0 maanden8,2 tot 17,7 maanden
Bron: JGZ-richtlijn Motorische ontwikkeling, Nederlands Centrum Jeugdgezondheid. De spreiding laat zien hoe groot de normale verschillen zijn.

Begeleid je kind bij klimmen, klauteren en traplopen. Dat oefent de motoriek en voorkomt valpartijen op momenten dat het net iets te veel wil.

De spraakontwikkeling van een peuter

Ook de spraak gaat vooruit. Rond de tweede verjaardag komen de eerste twee- en driewoordzinnen. Je peuter experimenteert volop en leert door jou na te praten nieuwe woorden en taalregels. Naast zelf benoemen begrijpt je kind ook steeds beter wat jij zegt. En hoe meer taal het heeft, hoe meer het vraagt: de nieuwsgierigheid is in deze jaren onuitputtelijk.

LeeftijdWat je ongeveer hoort en ziet
12 tot 17 maandenBegrijpt opdrachtjes van twee woorden en wijst lichaamsdelen aan
18 tot 24 maandenZegt ongeveer tien woordjes en combineert er twee
25 tot 30 maandenBegrijpt driewoordzinnen en maakt tweewoordcombinaties
31 tot 36 maandenMaakt zinnen van drie tot vier woorden; ongeveer de helft is verstaanbaar voor anderen
37 tot 46 maandenVertelt spontaan verhaaltjes en vertelt na bij plaatjes
Bron: JGZ-richtlijn Taalontwikkeling, bijlage Mijlpalen in de taalontwikkeling (SNEL), Nederlands Centrum Jeugdgezondheid.

Blijft je peuter duidelijk achter bij deze mijlpalen, bespreek dat dan op het consultatiebureau. De jeugdarts of jeugdverpleegkundige kan doorverwijzen naar een logopedist.

De peuterpuberteit

Één van de favoriete woordjes van een peuter is ‘nee’. Je kind wil zijn of haar eigen zin doordrijven, het temperament komt naar boven en dat gaat gepaard met stevige driftbuien: krijsen, gooien, slaan en schoppen. Dat is de peuterpuberteit. Meestal begint die rond de achttien maanden en loopt hij door tot in de kleutertijd.

Dat doordrijven is een goed teken: je kind heeft door dat het een eigen individu is, los van jou. Daardoor ontstaat een eigen wil en gaat het grenzen opzoeken. De peuterpuberteit lijkt in veel opzichten op de gewone puberteit. Het verschil is dat een puber juist zelfstandig wordt, terwijl een peuter nog bij vrijwel alles hulp nodig heeft.

Emotionele ontwikkeling

Ook emotioneel gebeurt er veel. Je peuter moet zich nog leren beheersen, in gedrag en in emoties. Stemmingswisselingen horen daarbij: het ene moment uitgelaten, het volgende moment diep verdrietig. Soms wordt een peuter zo meegesleept door zijn of haar emoties dat je het als onhandelbaar ervaart.

Kan je kind zich nog niet goed uiten in taal, dan komt de frustratie er anders uit. Dat verklaart een deel van de driftbuien. Naarmate het beter leert praten, nemen ze meestal af.

Grenzen stellen hoort bij opvoeden. Je kind leert daardoor dat sommige dingen niet mogen, en dat kan botsen met de zelfstandigheid die het net heeft gekregen. Daarnaast zijn er periodes waarin peuters zich juist vastklampen: ze zijn eenkennig of hebben moeite met afscheid nemen bij de opvang. Ook dat gaat over.

Omgaan met leeftijdsgenootjes

In de peuterfase wordt de omgang met leeftijdsgenootjes langzaam belangrijker. De pedagogiek gaat ervan uit dat een kind rond het derde jaar goed met leeftijdsgenootjes kan omgaan. Het kan dan samen spelen, speelgoed delen en zeggen wat het wil, zonder zich steeds af te zonderen of steeds ruzie te maken. Daar is taal voor nodig, en dat verklaart waarom die twee ontwikkelingen gelijk oplopen.

Een peuterspeelzaal of kinderopvang is een goede plek om die sociaal-emotionele vaardigheden te oefenen. In de jaren daarna worden vriendjes en vriendinnetjes alleen maar belangrijker.

Geslachtsverschillen

Aan het einde van deze fase merkt je kind het verschil tussen jongens en meisjes. Het wil weten hoe dat zit en of anderen het als jongen of als meisje zien. Daarnaast ontwikkelt een peuter een genderidentiteit: hoe je kind zich vanbinnen voelt. Vaak past dat bij het lichaam waarin het geboren is, maar dat hoeft niet. In de opvang en op school ligt de nadruk tegenwoordig minder op seksespecifieke verschillen.

Leren door spelen en imiteren

Voor veel vaardigheden heeft een peuter representationele vaardigheden nodig: het vermogen om zich iets voor te stellen wat er niet meer is. Dat is de basis voor imiteren. Zei jij gisteren iets, dan kan je peuter dat vandaag terughalen en nazeggen.

Verder leert een peuter vooral door te spelen; leren en spelen lopen in elkaar over. Je kind vindt spelletjes en de omgeving allebei interessant en pikt zo van alles op. Lopen oefen je spelenderwijs, puzzelen is goed voor de fijne motoriek en samen voorlezen doet meer voor de taal dan losse woordjes oefenen.

De volgende ontwikkelingsfase

Tot de vierde verjaardag heet je kind een peuter. Het is dan een eigen persoon dat rent, springt, praat en veel meer. Vanaf dat moment mag het naar school en begint de basisschoolperiode: je kind wordt een kleuter, en de school gaat een groot deel van de ontwikkeling sturen.

Veelgestelde vragen over de ontwikkeling van een peuter

Vanaf welke leeftijd is een kind een peuter?

Meestal vanaf ongeveer 1,5 jaar tot de vierde verjaardag. De periode daarvoor heet de dreumestijd, al gebruikt de pedagogiek die term lang niet altijd.

Wanneer gaat een peuter praten in zinnen?

Tussen 18 en 24 maanden combineert een kind meestal twee woordjes. Zinnen van drie tot vier woorden komen doorgaans tussen 31 en 36 maanden, blijkt uit de mijlpalen van de JGZ-richtlijn Taalontwikkeling.

Hoelang duurt de peuterpuberteit?

Die begint bij de meeste kinderen rond achttien maanden en loopt door tot in de kleutertijd. De driftbuien nemen meestal af zodra je kind zich beter kan uiten in taal.

Wat doe je bij een driftbui?

Blijf rustig, benoem wat je ziet en houd de grens die je gesteld hebt. Een peuter leert daar meer van dan van een discussie op het moment zelf, want die kan het cognitief nog niet volgen.

Wanneer moet je je zorgen maken over de ontwikkeling?

Als je kind duidelijk achterblijft bij meerdere mijlpalen tegelijk, of als het vaardigheden verliest die het al had. Bespreek dat op het consultatiebureau; de jeugdarts volgt de ontwikkeling met het Van Wiechenonderzoek.

Deel dit artikel

Hoe we dit artikel hebben gemaakt

Eerste publicatie op , laatst bijgewerkt op . Onze redactie heeft dit artikel gecontroleerd op feiten, cijfers en bronnen.

Zie je een fout, of mis je iets? Laat het ons weten, dan zoeken we het uit en passen we het artikel aan. Zo werkt onze redactie.

Bronnen

Team Kennisdomein

Geschreven door

Team Kennisdomein

Team Kennisdomein is de redactie van Kennisdomein. We maken onderwerpen die ingewikkeld lijken begrijpelijk voor iedereen, in gewone taal.

Schrijft over Maatschappelijk, Wereld, Ondernemen en Producten.

Verder lezen in Maatschappelijk

Alle artikelen in Maatschappelijk