fbpx

De ontwikkeling die een puber doormaakt

Vraag jij je als ouder ook wel eens af waarom je zo vaak in discussie raakt met je puber? Of ben je zelf een puber en wil je weten waarom je jouw ouders opeens zo vervelend vindt? Van onze babytijd tot aan onze volwassenheid maken we een reusachtige ontwikkeling door. Deze ontwikkeling wordt onderscheiden in vier fasen. De adolescentiefase, ook wel de puberteit genoemd, is daarvan de laatste. De ontwikkeling die je daarin doormaakt, heeft invloed op hoe je jouw volwassen leven tegemoet gaat. Welke ontwikkelingen dat zijn, lees je in deze blog.

Lees verder na de afbeelding.

De ontwikkeling die een puber doormaakt

Ontwikkelingsfasen en -taken van pubers

Om goed te begrijpen welke ontwikkeling je als puber doormaakt, moet je eerst een paar termen begrijpen. Allereerst bevindt een puber zich in een bepaalde ontwikkelingsfase, namelijk de adolescentiefase. Hieraan vooraf gingen de baby/peutertijd (0 tot 2 jaar), peuter/kleutertijd (2 tot 4 jaar) en basisschoolperiode (4 tot 12 jaar). Elk kind doorloopt deze fasen natuurlijk in een eigen tempo. Om de ontwikkeling, en eventuele ontwikkelingsachterstanden, te kunnen volgen, hanteren pedagogen en psychologen de ontwikkelingsfasen met kenmerkende ontwikkelingstaken.

Een ontwikkelingstaak is een bepaalde vaardigheid die een kind in een bepaalde ontwikkelingsfase leert beheersen. Als deze ontwikkelingstaken zijn voltooid, dan vormt dat een goede basis voor de volgende ontwikkelingsfase. Een kind kan zich goed door ontwikkelen.

Natuurlijk is ieder kind anders. Daardoor kent de ontwikkeling soms kleine afwijkingen en dat is normaal. Soms wijkt het ontwikkelingstempo of -patroon sterk af. Dat komt vaak door een onderliggend probleem.

De adolescentieperiode van een puber

De adolescentieperiode start gemiddeld wanneer een kind 12 jaar is en eindigt wanneer het 18 jaar is. In de volksmond wordt dit ook wel de puberteit genoemd. De ontwikkelingstaken die onder andere centraal staan, zijn: de ontwikkeling van emotionele zelfstandigheid, het vormen van een identiteit en de veranderende relatie met de ouder. Aan het begin van de fase speelt de overgang van de basisschool naar de middelbare school een belangrijke rol. Wanneer een puber in vorige ontwikkelingsfasen voldoende liefde, geborgenheid, ondersteuning, instructies, aandacht, controle en grenzen heeft ervaren, zal het deze fase met voldoende vertrouwen ingaan.

Emotionele zelfstandigheid van een puber

De puberteit wordt gekenmerkt door de ontwikkeling van emotionele zelfstandigheid. In de westerse cultuur wordt namelijk van een adolescent verwacht dat deze zelfstandig is en uiteindelijk over belangrijke zaken zelf beslissingen kan nemen. Als een jongere in de eerste drie ontwikkelingsfasen veel grenzen, ondersteuning en instructies heeft gekregen, dan is de kans groot dat het in deze fase erg zelfstandig wordt. Voldoende zelfvertrouwen en -waardering ondersteunen de jongere in de weg daar naartoe.

In deze fase heeft een puber veel conflicten. Zowel innerlijke conflicten als conflicten met zijn of haar ouders. Enerzijds wil de jongere namelijk nog kind zijn en anderzijds wil het als volwassene behandeld worden. De conflicten met ouders gaan vooral over regels, schoolprestaties en vrienden. 

Die vrienden worden in deze fase steeds belangrijker. Pubers brengen meer tijd met hen door. In plaats van aan hun ouders, zullen ze hun vrienden steeds vaker om advies vragen. Door de omgang met die leeftijdsgenoten vormt een puber uiteindelijk zijn of haar eigen normen en waarden: een eigen waardensysteem. 

In de puberteit wordt ook veel geëxperimenteerd, onder andere met spijbelen, alcohol, drugs en hun seksualiteit. Dit experimenteren kan ouders veel zorgen baren. Het is normaal dat een kind alcohol uitprobeert of graag gamet. Je wil alleen niet dat dit uitloopt in overmatig drankgebruik of een gameverslaving.

Ook verandert het lichaam van een puber sterk. Het groeit en verandert naar een vrouwelijk of mannelijk lichaam. Het is dan ook niet gek dat een puber veel aandacht heeft voor zijn of haar uiterlijk. Daarnaast hecht het veel waarde aan wat een ander over hem of haar denkt. Deze fase heeft daardoor veel invloed op het zelfvertrouwen van een puber, hoe het over zichzelf denkt en hoe het zich gedraagt.

Identiteit vormen

Naast emotionele zelfstandigheid ontwikkelen pubers in deze fase een eigen identiteit. Het experimenteren en de ontwikkeling van een eigen waardensysteem zijn hierin ondersteunend. Daarnaast laten jongeren soms imitatiegedrag zien. Ze sluiten zich aan bij een bepaalde groep of doen idolen na. Social media speelt hier tegenwoordig een grote rol in. Door te experimenteren met gedrag, bepaalde vrienden en bijvoorbeeld kleding, merkt een puber hoe hij of zij dit ervaart. Waar voelt hij of zij zich fijn bij? Hun eigen identiteit krijgt op die manier vorm.

Een ander belangrijk onderdeel bij het vormen van een identiteit, is het aangaan van een liefdesrelatie. Pubers gaan daar erg in op. Gaat de relatie uit of heeft een jongere op een bepaalde leeftijd nog geen relatie gehad, dan kan hij of zij hier depressieve klachten door ervaren. Het opscheppen over seksualiteit is dan ook iets wat jongeren veel doen en hoort bij hun ontwikkeling.  

Doordat pubers sterk gericht zijn op zichzelf en hun leeftijdsgenoten, maken zij zich los van hun ouders. Ze zijn vaker bij vrienden thuis en leren daardoor hoe het er in andere gezinnen aan toe gaat. Op school doen ze veel kennis op en leren ze andere opvattingen over bepaalde onderwerpen. Soms staan die opvattingen haaks op wat een jongere van huis uit heeft meegekregen. Het leert andere volwassenen kennen die misschien veel interessanter zijn dan hun ouders, zoals ouders van vrienden en leraren. Hierdoor kijkt een jongere anders naar zijn of haar ouders. De ouder is niet langer meer een alwetend persoon, maar een persoon die ook fouten maakt en soms vervelend is. Op basis van wat het leert en meekrijgt, gaat een jongere zijn of haar eigen mening vormen. Deze kan erg verschillen van die van zijn of haar ouders. 

Van opvoed- naar vriendschapsrelatie

Naast, en doordat, en jongere anders naar zijn of haar ouders kijkt, verandert de relatie tussen de jongere en zijn of haar ouders. Met name in de vroege adolescentie, wanneer een jongere 15 en 16 jaar is, gaat dit vaak gepaard met conflicten en hevige discussies. Op het moment dat deze plaatsvinden, is dat erg vervelend. Het kan een ouder zorgen baren. Het hoeft echter niet zorgelijk te zijn. Conflicten vormen namelijk ook een basis voor groei van een jongere. Het vormt hierdoor namelijk onder andere zijn of haar eigen mening.

Uiteindelijk, na de vroege adolescentie, verandert de relatie tussen de jongere en zijn of haar ouders van een opvoedrelatie in een vriendschapsrelatie. Ze komen nader tot elkaar en worden gelijkwaardig aan elkaar. Hierdoor worden discussies ook gelijkwaardiger en op een volwassen manier gevoerd. Steeds vaker leggen jongeren moeilijke vraagstukken aan hun ouders voor. Ze stellen vragen en zijn nieuwsgierig naar de mening van hun ouders. 

Dit is een groot contrast met de conflictueuze relatie aan het begin van deze fase. Vaak schamen adolescenten zich uiteindelijk ook voor hun pubergedrag. Ze komen tot het besef dat ze juist veel van hun ouders hebben geleerd en laten dit meestal ook weten.

Tot slot staat het einde van de adolescentiefase in het teken van het maken van belangrijke keuzes.  Jongeren maken een studiekeuze en besluiten dan vaak om uit huis te gaan. Ze gaan de studie in een andere stad volgen, willen op kamers en/of gaan samenwonen met een vriend of vriendin. Hierdoor maakt de jongere zich nog sterker los van zijn of haar ouders en verandert hun relatie nog meer.

De volgende fase van een puber

Ouders hebben hun kind in de vier ontwikkelingsfasen zo goed mogelijk willen opvoeden en ondersteunen. Heeft een kind als baby, peuter, kleuter, basisschoolkind en adolescent voldoende aandacht, ondersteuning, liefde, geborgenheid, instructie, controle en grenzen gekregen? Dan gaat het de volgende fase met voldoende zelfvertrouwen, zelfstandigheid en zelfredzaamheid tegemoet. Het is de fase van volwassenheid. Hierin zal het zelfstandig invulling gaan geven aan zijn of haar leven. Het is zelfredzaam geworden en kan daardoor zelf oplossingen zoeken voor moeilijke, maar belangrijke levensvraagstukken.

Delen wordt gewaardeerd!

Reader Interactions

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.