Fiscaal partner: wanneer je het bent en wat het kost
Een fiscaal partner is de persoon met wie je voor de belasting samen telt. Lees wanneer je het bent en wat het oplevert of kost.

Je opent de aangifte en het eerste scherm vraagt of je een partner had. Ben je getrouwd, dan is het antwoord ja. Woon je samen zonder te trouwen, dan hangt het af van zes voorwaarden. Het antwoord scheelt geld. In 2026 betaal je over de eerste € 59.357 aan spaargeld en beleggingen geen belasting. Met een fiscaal partner is dat samen € 118.714. Dat schrijft de Belastingdienst, de overheidsdienst die de inkomstenbelasting int. Een partner kan ook geld kosten. In ons rekenvoorbeeld verliest een stel ruim € 3.000 zorgtoeslag per jaar. Meer over belasting en toeslagen staat in het kennisgebied Financieel.
Getrouwd of samenwonend maakt verschil
Ben je getrouwd, dan ben je fiscaal partner vanaf de trouwdag. Woonden jullie dat jaar al samen, dan telt de dag van inschrijving op één adres. Woonden jullie al langer samen, dan telt het hele jaar. Hetzelfde geldt voor een geregistreerd partnerschap. Dat leg je vast bij de gemeente en het lijkt veel op een huwelijk. Ook met elk een eigen huis ben je als getrouwd stel fiscaal partner. Zo’n latrelatie staat in ons artikel over de acht relatievormen. Alleen als een van jullie in het buitenland woont, gelden er extra regels.
Woon je samen zonder huwelijk of geregistreerd partnerschap, dan gelden twee eisen tegelijk. Jullie staan bij de gemeente op hetzelfde adres ingeschreven. En jullie voldoen aan minstens één extra voorwaarde. Zo staat het in de Wet inkomstenbelasting en de Algemene wet inzake rijksbelastingen. Die twee wetten regelen wie voor de belasting als partner telt.
De zes voorwaarden voor samenwoners
De Belastingdienst noemt er zes.
- Jullie zijn allebei 18 jaar of ouder en hebben een samenlevingscontract van de notaris.
- Jullie hebben samen een kind.
- Een van jullie heeft een kind van de ander erkend.
- Jullie zijn bij een pensioenfonds aangemeld als elkaars partner.
- Jullie zijn samen eigenaar van het huis waarin jullie allebei wonen.
- Jullie zijn allebei 18 jaar of ouder en op jullie adres staat een minderjarig kind van een van jullie ingeschreven.
Waren jullie vorig jaar al fiscaal partner? Dan blijven jullie het, zolang jullie op hetzelfde adres staan ingeschreven. Een samenlevingscontract opzeggen verandert daar dus niets aan.
De laatste voorwaarde gaat verder dan je zou denken. Trek je met je kind van 12 in bij een vriendin en schrijven jullie je daar in, dan word je haar fiscaal partner. Een relatie is daar niet voor nodig. Woont er nog een volwassene op dat adres, dan geldt dit niet. Huur je van haar, dan kun je er op verzoek onderuit.
In drie vragen weet je het
In de tabel hieronder staan de drie vragen die in de meeste gevallen bepalen of je een fiscaal partner hebt. De uitzonderingen staan verderop, zoals een aangevraagde scheiding en een ouder met een eigen kind.
| Vraag | Ja | Nee |
|---|---|---|
| 1. Ben je getrouwd of geregistreerd partner? | Je hebt een fiscaal partner | Ga naar vraag 2 |
| 2. Sta je met iemand op hetzelfde adres ingeschreven? | Ga naar vraag 3 | Je hebt geen fiscaal partner |
| 3. Geldt een van de zes voorwaarden of waren jullie het vorig jaar al? | Je hebt een fiscaal partner | Je hebt geen fiscaal partner |
Wat niet meetelt
Een contract dat jullie zelf opstelden, zonder notaris, telt niet. Alleen bij je werkgever opgeven wie je partner is, is ook niet genoeg. Het pensioenfonds moet jullie als partners kennen.
Je kunt maar één fiscaal partner tegelijk hebben. Voldoe je met twee huisgenoten elk aan een andere voorwaarde, dan telt de huisgenoot met de hoogste voorwaarde op de lijst. Wie met zijn drieën een huis koopt en er samen woont, wordt door dat huis niemands fiscaal partner.
Een ouder en een eigen kind zijn pas fiscaal partner als ze allebei 27 jaar of ouder zijn. Ook dan moet er een van de zes voorwaarden gelden.
Kiezen kan niet meer
Aanvinken dat je fiscaal partner wilt zijn, kan niet. De regels bepalen het. In de wet stond vroeger een artikel over de keuze om als partner te tellen. Dat artikel is op 1 januari 2011 vervallen.
Als samenwoner bepaal je het soms toch zelf. Je tekent wel of geen contract bij de notaris.
Wanneer je er op verzoek onderuit kunt
Soms kun je de Belastingdienst vragen om geen fiscaal partner te zijn. Dat kan als jullie alleen partner zijn doordat er een minderjarig kind op het adres woont. Daarnaast is er huur nodig. De een huurt een deel van de woning van de ander. Of jullie huren elk een eigen deel van dezelfde verhuurder. De huur is zakelijk, dus zoals tussen vreemden. Ze staat in een schriftelijk huurcontract.
Wie op verzoek geen fiscaal partner is, is ook geen toeslagpartner meer. Een toeslagpartner is de partner met wie je voor de toeslagen samen wordt geteld.
Vier soorten partner naast elkaar
Partner betekent niet overal hetzelfde. Voor de belasting gelden andere regels dan voor de toeslagen. De erfbelasting en de AOW hebben ook elk hun eigen regels. De AOW is het pensioen dat je van de overheid krijgt. In de tabel hieronder zie je per regeling wanneer een samenwoner als partner telt. Ben je getrouwd of geregistreerd partner, dan tel je in de regel bij alle vier mee.
| Soort partner | Waarvoor | Een samenwoner telt mee als | Let op |
|---|---|---|---|
| Fiscaal partner | Inkomstenbelasting | Jullie op één adres staan en aan een van de zes voorwaarden voldoen | Telt vanaf de dag van inschrijving |
| Toeslagpartner | Toeslagen | Jullie op één adres staan en aan een van die voorwaarden voldoen | Telt vanaf de eerste dag van de maand erna |
| Partner voor de erfbelasting | Erfenis en schenking | Jullie op één adres staan en een notarieel contract met zorgplicht hebben | Na vijf jaar op één adres hoeft het contract niet |
| Samenwonend voor de AOW | Hoogte van je AOW | Jullie in dezelfde woning wonen en voor elkaar zorgen | Een contract of een kind samen maakt het zeker |
Waar de vier uit elkaar lopen
Fiscaal partner en toeslagpartner lijken het meest op elkaar. Dit zijn de twee grootste verschillen. Een ouder en een kind zijn sinds 2025 nooit meer elkaars toeslagpartner. Voor de belasting kunnen ze nog wel partner zijn. Ook het moment verschilt. Stel dat je op 14 mei trouwt. Dan word je pas op 1 juni toeslagpartner, schrijft Dienst Toeslagen. Dat is de overheidsdienst die de toeslagen berekent en uitbetaalt. Fiscaal partner ben je al vanaf de trouwdag, of eerder als jullie al samenwoonden.
Voor de erfbelasting ligt de lat hoger. Een kind of een koophuis samen is daar niet genoeg. Het contract uit de tabel moet bij een overlijden minstens zes maanden bestaan. Bij een schenking is dat twee jaar.
De AOW kijkt naar waar je woont
Woon je met iemand in één huis en zorgen jullie voor elkaar, dan tel je voor de AOW als samenwonend. Een contract, kind of koophuis is daar niet voor nodig. Alleen met je eigen kind of ouder tel je niet als samenwonend. Zo kun je voor de AOW samenwonen en voor de belasting alleen zijn.
Het omgekeerde bestaat ook. Ben je getrouwd maar woon je voorgoed apart, dan heet dat duurzaam gescheiden leven. Voor de AOW tel je dan als ongehuwd. Voor de belasting blijf je fiscaal partner tot de scheiding is aangevraagd.
Wij vinden dit de zwakke plek van het stelsel. Vier regelingen trekken elk een eigen grens om wie als stel telt. Een ja bij de ene regeling is dus nog geen ja bij de andere.
Wat fiscaal partner zijn oplevert
Het voordeel zit in het verdelen. Fiscale partners mogen in de aangifte zelf kiezen wie wat opgeeft. Dat geldt voor een aantal inkomsten en aftrekposten. Een aftrekpost is een uitgave die je van je inkomen mag aftrekken. Je betaalt daardoor minder belasting. Elke verdeling mag, zolang het samen 100 procent is. Je moet dan wel het hele jaar partners zijn, of daarvoor kiezen.
Verdelen mag je onder meer deze posten.
- De rente van je hypotheek en de andere posten van je eigen woning.
- Giften aan goede doelen.
- Zorgkosten die je zelf betaalde.
- Alimentatie die je aan je ex-partner betaalt.
- Je spaargeld en beleggingen.
Niet verdelen mag je loon, uitkering, pensioen en winst uit je eigen bedrijf.
Bij wie je de aftrek zet
De oude vuistregel is: zet de aftrek bij wie het meest verdient. In 2026 klopt die niet altijd. Het hoogste belastingtarief is 49,50 procent. Toch krijg je over een aftrekpost daar maar 37,56 procent terug.
Bij een middeninkomen werkt nog iets mee. De algemene heffingskorting is een korting op je belasting die iedereen krijgt. Boven een inkomen van € 29.736 wordt ze kleiner. Je verliest dan 6,398 cent per euro die je meer verdient. Een aftrekpost verlaagt je inkomen en geeft je dus een deel van die korting terug. De Belastingdienst rekent dat zelf voor in zijn uitleg over het belastingjaar 2026. Bij het laagste tarief van 35,75 procent komt de dienst zo op 42,148 procent.
Een voorbeeld. Eva verdient € 95.000 en Tom € 50.000. Samen hebben ze € 6.000 aftrek voor hun huis. Bij Eva levert die volgens onze berekening € 2.254 op. Dat is 37,56 procent van de aftrek. Tom betaalt ook 37,56 procent belasting, maar krijgt daarnaast 6,398 procent korting terug. Samen is dat 43,958 procent, ofwel € 2.637. Dat scheelt ruim € 380 per jaar. Hoe dat per inkomen uitpakt, staat in ons artikel over wat de hypotheekrenteaftrek je oplevert.
Het aangifteprogramma laat zien wat elke verdeling doet. Probeer dus een paar verdelingen uit voordat je verstuurt. Later wijzigen kan ook nog. Zonder bezwaar mag dat tot zes weken na de datum van jullie aanslagen.
Spaargeld en beleggingen verdelen
Box 3 is het deel van de inkomstenbelasting over spaargeld en beleggingen. In 2026 is de eerste € 59.357 per persoon vrij. Dat heet het heffingsvrij vermogen. Fiscale partners hebben samen € 118.714 en mogen hun vermogen verdelen zoals ze willen. Staat al het spaargeld op naam van een van jullie, dan telt de vrijstelling van de ander toch mee. Hoe de belasting daarboven wordt berekend, lees je in ons artikel over box 3 en het heffingsvrij vermogen.
Wat het je kan kosten
Samen tellen heeft ook een prijs. Die zit vooral bij de toeslagen. Een toeslag is geld dat je van de overheid krijgt, bijvoorbeeld voor je huur. Wie fiscaal partner is, is bijna altijd ook toeslagpartner. Jullie inkomens tellen dan bij elkaar op. Die som heet jullie toetsingsinkomen.
Zorgtoeslag als voorbeeld
In 2026 krijgt een alleenstaande zorgtoeslag tot een inkomen van € 40.857. Voor twee toeslagpartners samen ligt de grens bij € 51.142. Dat is geen twee keer zoveel. Twee mensen met een gewoon loon vallen er samen dus snel buiten.
In de tabel hieronder zie je wat drie stellen in 2026 aan zorgtoeslag krijgen. Eerst als twee alleenstaanden en dan als toeslagpartners.
| Inkomens | Als twee alleenstaanden | Als toeslagpartners | Verschil |
|---|---|---|---|
| Allebei € 28.000 | € 3.100 | € 0 | € 3.100 minder |
| € 30.000 en € 15.000 | € 3.064 | € 867 | € 2.197 minder |
| € 40.000 en geen inkomen | € 1.691 | € 1.553 | € 138 minder |
Het stel met twee gelijke lonen verliest hier het meest. Wat je bij jouw inkomen krijgt, staat in ons artikel over de zorgtoeslag per inkomen.
Hogere drempels en minder korting
Sommige aftrekposten hebben een drempel. Alleen het deel van je kosten boven die drempel is aftrekbaar. Bij fiscale partners rekent de Belastingdienst de drempel uit over jullie inkomens samen. In het voorbeeld van de dienst stijgt de drempel voor zorgkosten zo van € 379 naar € 627. Je mag dan minder aftrekken.
Werkende ouders met een kind jonger dan 12 jaar kunnen de inkomensafhankelijke combinatiekorting krijgen. Daarmee betaal je in 2026 hoogstens € 3.032 minder belasting. Heb je langer dan zes maanden een fiscaal partner, dan krijgt alleen de partner met het laagste inkomen uit werk de korting.
Vroeger kon een partner met weinig inkomen de algemene heffingskorting laten uitbetalen. Dat kan alleen nog als je voor 1963 bent geboren en minder verdient dan je partner.
Een deel van het jaar samen
Als samenwoner word je fiscaal partner vanaf de dag dat je samen op één adres staat ingeschreven. Dat geldt ook als je pas later dat jaar aan een voorwaarde voldoet of trouwt. De Belastingdienst geeft dit voorbeeld. Je staat vanaf 15 mei samen ingeschreven en krijgt op 1 december een kind. Dan zijn jullie fiscaal partner vanaf 15 mei. Stonden jullie het jaar ervoor al samen ingeschreven, dan tel je het hele jaar als partner.
Kiezen voor het hele jaar
Was je maar een deel van het jaar fiscaal partner, dan mag je in de aangifte kiezen of jullie het hele jaar als partners tellen. Kies je ervoor, dan mag je verdelen. Anders geeft ieder zijn eigen inkomsten en aftrekposten op.
De keuze verandert niets aan je heffingskortingen. Daarvoor telt de tijd dat je echt partner was.
Kreeg je toeslag in de maanden dat je nog alleen was? Voor die maanden geldt de grens voor het vermogen van één persoon, schrijft Dienst Toeslagen. Zet je bij het verdelen te veel spaargeld op jouw naam, dan betaal je die toeslag terug.
Uit elkaar gaan of overlijden
Na een huwelijk stopt het fiscaal partnerschap pas als twee dingen zijn gebeurd. Het verzoek tot scheiding ligt bij de rechtbank. En jullie staan niet meer op hetzelfde adres ingeschreven. Je kunt in die tijd ook geen fiscaal partner van een nieuwe vriend of vriendin worden.
Woonde je ongetrouwd samen, dan stopt het op de dag dat een van jullie zich uitschrijft. Over het jaar van de breuk mag je nog één keer samen aangifte doen en verdelen.
Een voorlopige aanslag is de belasting die je in het lopende jaar alvast betaalt of terugkrijgt. Heb je er een, pas die dan meteen aan.
Overlijdt je partner, dan ben je fiscaal partner tot de dag van het overlijden. Ook dan kun je ervoor kiezen om het hele jaar als partners te tellen.
Reken eerst je toeslagen na
Ons oordeel: fiscaal partner zijn is geen cadeau. De winst van goed verdelen is in ons voorbeeld een paar honderd euro. Het verlies aan toeslag kan in de duizenden euro’s lopen. Kijk dus naar je toeslagen voordat je gaat samenwonen of een contract tekent.
De bedragen in dit artikel zijn die van 2026. Voor 2027 stelt het kabinet andere tarieven voor in het Belastingplan 2027. Dat wetsvoorstel was op 4 oktober 2026 nog niet aangenomen.
Veelgestelde vragen over je fiscaal partner
Kun je samenwonen zonder fiscaal partner te zijn?
Ja. Voor ongetrouwde samenwoners noemt de Belastingdienst zes voorwaarden. Voldoe je aan geen enkele, dan ben je geen fiscaal partner. Denk aan twee mensen zonder kinderen die samen huren. Ze hebben geen contract van de notaris en zijn bij geen pensioenfonds elkaars partner. Koop je later samen een huis, dan word je het alsnog.
Ben je fiscaal partner met een samenlevingscontract?
Een samenlevingscontract telt alleen als de notaris het heeft opgemaakt en jullie op hetzelfde adres staan ingeschreven. Jullie moeten ook allebei 18 jaar of ouder zijn. Zo staat het in de Algemene wet inzake rijksbelastingen. Een contract dat je zelf schreef, telt niet. Dan kun je alleen via een van de andere voorwaarden fiscaal partner zijn.
Moet je als fiscale partners samen aangifte doen?
Nee. Volgens de Belastingdienst, de dienst die de inkomstenbelasting int, mag je ook elk apart aangifte doen. Je blijft dan wel fiscaal partner. Wat jullie mogen verdelen, mag samen niet meer dan 100 procent zijn.
Hoe we dit artikel hebben gemaakt
Eerste publicatie op . Onze redactie heeft dit artikel gecontroleerd op feiten, cijfers en bronnen.
Zie je een fout, of mis je iets? Laat het ons weten, dan zoeken we het uit en passen we het artikel aan. Zo werkt onze redactie.
Bronnen
- Belastingdienst, wanneer ben ik fiscaal partner, Fiscale informatie 2026 over fiscaal partnerschap en de belastingberekening, heffingsvrij vermogen, tabel algemene heffingskorting 2026, heffingskortingen laten uitbetalen, heffingskortingen met een fiscale partner, de inkomensafhankelijke combinatiekorting met voorwaarden en tabel 2026, scheiden of uit elkaar gaan, duurzaam gescheiden leven en samen of apart aangifte doen. De voorwaarden, het moment waarop het partnerschap begint en eindigt, wat je mag verdelen, de tarieven, kortingen en vrijstellingen van 2026 en de voorbeelden.
- Dienst Toeslagen, toeslagpartner voor de toeslagen, vanaf welk moment je toeslagpartners bent, kind of ouder telt niet meer als toeslagpartner, vermogen verdelen met een deel van het jaar een toeslagpartner en Berekening zorgtoeslag 2026. Wie toeslagpartner is en vanaf wanneer, de waarschuwing bij het verdelen van vermogen en de rekenregels van de zorgtoeslag.
- Wettenbank van de overheid, Algemene wet inzake rijksbelastingen, Wet inkomstenbelasting 2001, Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen, Successiewet 1956 en Algemene Ouderdomswet. De wettelijke omschrijving van partner voor de belasting, de toeslagen, de erfbelasting en de AOW, en het vervallen keuzeartikel.
Geschreven door
Team Kennisdomein is de redactie van Kennisdomein. We maken onderwerpen die ingewikkeld lijken begrijpelijk voor iedereen, in gewone taal.
Verder lezen in Financieel
Toetsingsinkomen en verzamelinkomen: wat een extra euro kostJe toetsingsinkomen is het jaarinkomen waarmee je toeslag wordt berekend. Lees wat meetelt en wat het verschil is met verzamelinkomen.
Relatievormen: 8 soorten relaties op een rijRelatievormen lopen van monogamie en open relaties tot polyamorie en latrelaties. Lees welke soorten er zijn en wat ze inhouden.
Seksuele geaardheid: betekenis en alle soorten op een rijSeksuele geaardheid is op wie je verliefd wordt en valt. Lees wat het betekent en welke soorten er zijn, van hetero tot aseksueel.
Samenlevingscontract: dit regelt het wel en dit nietEen samenlevingscontract legt de afspraken van samenwoners vast. Lees wat het regelt, wat het kost en wat je er niet mee regelt.