Ontwikkeling schoolkind (6-12 jaar): fases en kenmerken

Hoe ontwikkelt een schoolkind van 6 tot 12 jaar zich? In deze fase verschuift de nadruk van de snelle motorische en taalontwikkeling naar leren, zelfstandigheid en sociale vaardigheden. Lees hieronder over de lichamelijke, cognitieve, sociale en emotionele ontwikkeling en over de signalen van ontwikkelingsproblemen.

Inhoudsopgave

    De ontwikkeling van een schoolkind verloopt anders dan de jaren daarvoor. In de baby-, peuter– en kleuterfase gaat de ontwikkeling razendsnel; vooral de motoriek, de taal en het sociale gedrag maken dan grote sprongen. Bij een schoolkind gaat het om heel andere vaardigheden. In deze blog lees je daar meer over.

    Kind gaat naar school met rugzak

    De ontwikkelingsfase van een schoolkind

    Om de ontwikkeling van een kind goed te kunnen volgen, splitst de pedagogiek die op in fases. De derde fase is de basisschoolperiode. Na de peuterfase heet je kind de eerste twee jaar van die periode een kleuter; het zit dan in de kleuterklas. Vanaf 6 tot 12 jaar spreken we van een schoolkind. 

    Bij elke fase horen ontwikkelingstaken: vaardigheden die kinderen in die periode leren. Blijft een vaardigheid uit, dan kán er sprake zijn van een ontwikkelingsprobleem. Ieder kind is anders en een tijdelijke achterstand zegt weinig. Grotere en langdurige achterstanden verdienen wel aandacht.

    De ontwikkelingstaken van een schoolkind

    Deze zes taken staan tussen het zesde en twaalfde jaar centraal. Ze bouwen voort op wat een kind als kleuter heeft geleerd.

    OntwikkelingstaakWat je kind leert
    Leren lezen, schrijven en rekenenDe basisvaardigheden waarmee het de rest van zijn schoolloopbaan vooruit kan
    Zelfstandig wordenZelf naar school gaan, spullen bijhouden, keuzes maken en problemen oplossen
    Omgaan met leeftijdsgenotenVriendschappen sluiten en onderhouden, ruzies zelf uitpraten, samenwerken
    Een positief zelfbeeld opbouwenOntdekken waar het goed in is en leren omgaan met wat minder lukt
    Omgaan met winnen en verliezenZich meten met anderen zonder daar het eigen zelfvertrouwen aan op te hangen
    Een eigen geweten ontwikkelenZelf beoordelen wat goed en fout is, ook als er geen volwassene meekijkt
    Bron: Nederlands Jeugdinstituut (NJi), ontwikkeling van kinderen van 6 tot 12 jaar.

    De ontwikkeling van een schoolkind op school

    Zoals de naam al doet vermoeden, speelt het leven van een schoolkind zich vooral op school af. Doordat de taalverwerving rond het zesde of zevende jaar vrijwel voltooid is, is een kind klaar om te leren lezen, schrijven en rekenen. Dat leert het stap voor stap op de basisschool. In onze westerse maatschappij is dat een eis die aan schoolkinderen wordt gesteld. 

    School stimuleert ook de andere ontwikkelingsgebieden. In de gymles verbetert de grove motoriek met spelletjes waarin een kind hinkelt, gooit of voetbalt. Bij het schrijven ontwikkelt de fijne motoriek zich verder, en op allerlei manieren wordt de cognitieve ontwikkeling van een schoolkind geprikkeld.

    De cognitieve ontwikkeling van een schoolkind

    De cognitieve ontwikkeling van een schoolkind gaat over denken, leren en begrijpen. Het grootste verschil met de kleutertijd is dat het magische denken plaatsmaakt voor logisch denken. Een schoolkind redeneert over dingen die het voor zich ziet: het begrijpt dat een hoeveelheid water hetzelfde blijft als je die in een ander glas giet, kan voorwerpen ordenen van klein naar groot en kan ze in groepen indelen.

    Ook de aandacht groeit. Waar een kleuter een paar minuten geconcentreerd bezig is, houdt een schoolkind dat gaandeweg een half uur of langer vol. Het geheugen wordt sterker en een kind gaat strategieën gebruiken om iets te onthouden, zoals herhalen of iets in stukjes opdelen.

    Rond het negende jaar verschuift het leren van karakter. In de eerste jaren léért een kind lezen; daarna gebruikt het lezen om te leren. Vanaf dat moment gaat schoolwerk steeds meer over begrijpen en toepassen in plaats van over de techniek zelf. Tegen het einde van de basisschool kan een kind ook nadenken over zijn eigen denken: het merkt zelf op dat het iets nog niet snapt.

    De leefwereld van een schoolkind

    Doordat een kind veel tijd op school doorbrengt, is het steeds minder thuis. Tot het zesde jaar speelt het leven zich vooral binnenshuis af; daarna verschuift een groot deel naar school, naar vriendjes en naar buitenschoolse activiteiten zoals sporttraining of muziekles.

    Daardoor gaat een schoolkind meer op verkenning. Het speelt zelfstandig buiten, voetbalt met vriendjes op het veldje in de buurt of gaat rondfietsen. Het komt in aanraking met andere mensen en leert hen kennen. Zo ziet het ook hoe andere ouders hun kinderen opvoeden. De wereld van je kind wordt letterlijk en figuurlijk groter.

    Zelfstandigheid, zelfvertrouwen en zelfredzaamheid

    Die ontdekkingstocht vraagt veel van de zelfstandigheid, het zelfvertrouwen en de zelfredzaamheid van je kind. Het moet leren fietsen, de bus nemen en zelf naar de winkel gaan. Door succeservaringen op te doen, leert je kind vertrouwen op wat het doet en kan. Steeds vaker trekt het zijn eigen plan en maakt het eigen keuzes: welke kleding het aandoet, welke sport het wil doen of welk instrument het wil leren bespelen.

    Doordat de wereld groter wordt, gaat een kind zich ook meer bezighouden met wie het zelf is. Het onderzoekt welke positie het inneemt tegenover anderen en meet zich met leeftijdsgenoten. Een schoolkind kan daarbij meestal slecht tegen zijn verlies. 

    De sociale ontwikkeling van een schoolkind

    In de basisschoolperiode verschuift het zwaartepunt van het gezin naar de groep. Vriendschappen worden belangrijk en veranderen ook van aard: waar een kleuter vooral speelt met wie er toevallig naast zit, kiest een schoolkind zijn vrienden bewust, op grond van gedeelde interesses en vertrouwen. Kinderen trekken in deze fase vaak op met leeftijdsgenoten van hetzelfde geslacht.

    Onderlinge competitie hoort er onlosmakelijk bij. Daardoor gaat ook groepsdruk een grotere rol spelen en komen pesten en uitsluiting vaker voor. Kinderen die niet mee kunnen komen met de groep, vallen er sneller buiten. Daar staat een belangrijke winst tegenover: schoolkinderen leren hun ruzies steeds vaker zelf oplossen, zonder dat de ander de dupe wordt. Ze kunnen zich namelijk in een ander verplaatsen en begrijpen dat iemand anders de situatie anders kan zien.

    Ook leert een kind onderscheid maken tussen gedrag in verschillende omgevingen. Thuis, op school en op de sportclub gelden andere regels, en een schoolkind stemt zijn gedrag daar steeds beter op af.

    De lichamelijke ontwikkeling van een schoolkind

    De lichamelijke ontwikkeling van een schoolkind gaat snel. Het wisselt zijn melkgebit voor een volwassen gebit. Veel kinderen krijgen aan het eind van deze periode een beugel om dat gebit recht te laten groeien. 

    Kinderen maken groeispurten door, wat soms gepaard gaat met flinke groeipijn in armen en benen. Armen en benen worden langer en daarmee veranderen de lichamelijke verhoudingen. Daar moet een kind mee leren omgaan. 

    Ook treden er hormonale veranderingen op. Sommige meisjes krijgen aan het eind van deze fase borsten of worden voor het eerst ongesteld. Jongens krijgen onder meer de baard in de keel en dus een lagere stem. Dat geldt niet voor elk kind: bij veel kinderen komen die veranderingen pas op de middelbare school.

    De emotionele ontwikkeling van een schoolkind

    Door die lichamelijke en hormonale veranderingen gebeurt er ook veel in het gevoelsleven. Naast de basisemoties krijgen kinderen te maken met nervositeit, paniek en opwinding. Ook daar moeten ze mee leren omgaan, en hun stemming kan flink wisselen.

    Een schoolkind ontdekt daarnaast dat anderen hun eigen gevoelens hebben. Het kan zich beter inleven en wordt voor het eerst verliefd. Je kind voelt zich veilig en fijn bij een ander en wil graag in diens buurt zijn. Die eerste verliefdheid is meestal niet te vergelijken met die van een volwassene, maar onderschat hem niet: je kind voelt het intens en kan erg verdrietig zijn wanneer de ander geen interesse toont.

    Signalen van ontwikkelingsstoornissen en -problemen

    De ontwikkeling van kinderen verloopt niet altijd zonder problemen. Elke ouder krijgt te maken met alledaagse opvoedvragen, maar er kunnen ook signalen zijn dat er meer speelt. Af en toe problemen rond angst, leren, voeding of zindelijkheid is normaal. Houden ze aan of nemen ze toe, dan kunnen ze wijzen op een ontwikkelingsstoornis. Denk aan ADHD, dyslexie, dyscalculie of een autismespectrumstoornis. ADD wordt in de volksmond nog vaak gebruikt, maar staat in de DSM-5 niet meer als aparte diagnose; het valt daar onder ADHD, in de overwegend onoplettende vorm. 

    Gebieden waarop ontwikkelingsstoornissen kunnen ontstaan

    • Gedragsproblemen
    • Angstproblemen
    • Leerproblemen
    • Voedingsproblemen
    • Zindelijkheidsproblemen
    • Motorische problemen

    Twijfel je over de ontwikkeling van je kind? Ga dan eerst in gesprek met de leerkracht, de huisarts of een schoolmaatschappelijk werker. Er is een breed aanbod aan therapeuten en behandelingen voor kinderen. Daarnaast kun je in je eigen gemeente terecht met opvoedvragen: voor kinderen van 0 tot 4 jaar bij het consultatiebureau, van 4 tot 18 jaar bij de jeugdgezondheidszorg van de GGD. 

    De overgang naar de adolescentiefase

    Op de basisschoolperiode volgt de adolescentieperiode. In de laatste twee jaar van de basisschool is je kind daar al mee bezig. Het ontwikkelt zich dan in een ongelijk tempo, waardoor gedrag sterk kan veranderen. Je kind wordt mondiger en brutaler. Er ontstaan opeens hevige discussies, bijvoorbeeld over zakgeld, een telefoon, make-up of gamen. Je kind zoekt de grenzen op: de puberteit gaat van start. 

    Veelgestelde vragen over de ontwikkeling van een schoolkind

    Wat is de ontwikkelingsfase van een schoolkind?

    Een schoolkind is een kind van ongeveer 6 tot 12 jaar. In de pedagogiek is dit de derde ontwikkelingsfase, na de baby-, peuter- en kleuterfase, waarin leren, zelfstandigheid en sociale vaardigheden centraal staan.

    Wat houdt de lichamelijke ontwikkeling van een schoolkind in?

    Een schoolkind wisselt het melkgebit voor een volwassen gebit, maakt groeispurten door en krijgt tegen het eind van de fase de eerste hormonale veranderingen, zoals de baard in de keel of de eerste menstruatie.

    Wat houdt de cognitieve ontwikkeling van een schoolkind in?

    Het magische denken van de kleutertijd maakt plaats voor logisch denken over concrete dingen. Een schoolkind kan ordenen, groeperen en langer geconcentreerd werken. Rond het negende jaar verschuift het van leren lézen naar lezen om te leren.

    Wat houdt de sociale ontwikkeling van een schoolkind in?

    Vriendschappen worden belangrijker dan het gezin en een kind kiest zijn vrienden bewust. Het leert samenwerken, ruzies zelf oplossen en zich verplaatsen in een ander. Tegelijk nemen competitie en groepsdruk toe, waardoor pesten en uitsluiting vaker voorkomen.

    Wanneer begint de puberteit?

    De laatste twee jaar van de basisschool bereidt een kind zich al voor op de puberteit. Rond 10 tot 12 jaar wordt het mondiger, zoekt het grenzen op en ontwikkelt het zich in een ongelijk tempo.

    Bronnen

    • Nederlands Jeugdinstituut (NJi), dossier Ontwikkeling van kinderen en jongeren
    • Opvoedinformatie Nederland, informatie over kinderen van 6 tot 12 jaar
    • American Psychiatric Association, DSM-5-TR, over de presentatievormen van ADHD
    Eerste publicatie op: 16 februari 2023
    Geschreven door: Team Kennisdomein
    Van Kennisdomein
    Team Kennisdomein bestaat uit specialisten die hun sporen hebben verdiend. Het team zorgt voor invulling van Kennisdomein vanuit de passie voor schrijven en het delen van kennis met anderen. De specialisten willen graag meer inzicht creëren in tal van onderwerpen zodat...
    Meer informatie

    Aanbevolen artikelen

    Internet of things in een afbeelding
    Maatschappelijke onderwerpen
    Het Internet der Dingen, of beter bekend als Internet of Things, is een revolutionair concept dat onze dag...
    Typisch Amerikaans beeld
    Maatschappelijke onderwerpen
    Na de grote show van de
    Vrouw die naar foto van vroeger kijkt
    Maatschappelijke onderwerpen
    Nostalgie is het warme gevoel dat opkomt als je terugdenkt aan mooie momenten van vroeger. Ontdek waar dat...
    Universiteit in Nederland
    Maatschappelijke onderwerpen
    Nederland telt 14 universiteiten, van Leiden (1575) tot Twente. Samen hebben ze ruim 330.000 studenten. Be...
    Meer artikelen over Maatschappelijke onderwerpen