Naar de inhoud

Uitleg over hoe iets werkt, in gewone taal.

Maatschappelijk

Wat helpt echt tegen vuurwerkangst bij je hond of kat?

Vuurwerkangst is een heftige angstreactie van een hond of kat op knallen. Je leest wat echt helpt en wanneer je daarmee moet beginnen.

Team Kennisdomein Door 13 minuten lezen
Hond ligt rustig in een open bench met een deken terwijl een hand hem een kauwsnack geeft in een woonkamer

Wat echt helpt, is je dier nu al laten wennen aan knallen en bij ernstige angst een medicijn van de dierenarts. Pillen, druppels en geurstoffen uit de winkel doen gemeten weinig meer dan een nepmiddel. En het probleem is groot. In een onderzoek van de Universiteit Utrecht onder 3.631 Nederlandse eigenaren had 77 procent van de honden en katten angst door vuurwerk. Het nieuwe vuurwerkverbod maakt oud en nieuw waarschijnlijk stiller. Maar stil wordt het niet.

Hoe herken je vuurwerkangst bij je hond of kat

Vuurwerkangst zie je vaak eerder dan je denkt. Een bange hond trilt, hijgt zonder dat hij het warm heeft en zoekt jou op. Hij kijkt je aan, komt dicht bij je liggen of wil tegen je aan. Andere honden kruipen weg, willen niet meer naar buiten of vluchten bij de eerste knal. Een kat verstopt zich meestal, of rent weg en blijft uren onvindbaar.

Dat beeld komt uit het onderzoek van de Faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht. Dat is de opleiding voor dierenartsen, met een eigen gedragskliniek voor dieren. De onderzoekers vroegen in de herfst van 2023 eigenaren van 3.009 honden en 622 katten naar hun ervaringen. Bij honden noemden eigenaren het vaakst oogcontact zoeken (74 procent), dicht bij de eigenaar komen (69 procent) en trillen (64 procent). Bij katten was dat verstoppen (76 procent) en vluchten (65 procent).

Let ook op kleine signalen. Veel honden likken hun lippen, gapen zonder moe te zijn, schudden zich uit of weigeren hun eten. Een hond die in december schrikt van een dichtslaande deur, is vaak al in de ban van de knallen buiten. Onderzoekers noemen dat generalisatie: de angst breidt zich uit naar andere harde geluiden.

Wat het vuurwerkverbod verandert voor je dier

Sinds 1 augustus 2026 mogen particulieren geen vuurwerk uit de categorieën F2 en F3 meer hebben of afsteken. Dat zijn de cakes, vuurpijlen en knalvuurwerk die jarenlang de oudejaarsnacht bepaalden. Voor dieren is dat goed nieuws, want het meeste lawaai kwam juist uit die hoek.

Toch blijft er genoeg over om je dier bang te maken. Klein vuurwerk zoals sterretjes, knalbonbons en sierfonteintjes blijft het hele jaar toegestaan. Verenigingen en stichtingen met een ontheffing van de gemeente mogen rond de jaarwisseling nog vuurwerk afsteken. Carbidschieten valt niet onder het verbod en is in veel gemeenten nog toegestaan. En illegaal vuurwerk verdwijnt niet met een wet.

Het probleem begon bovendien nooit pas op 31 december. In het Utrechtse onderzoek hoorde 64 procent van de eigenaren al vanaf september vuurwerk in de buurt. In november was dat 83 procent, in december 98 procent. Hoeveel stiller het met het verbod wordt, weet nog niemand. Dit is de eerste jaarwisseling waarin het geldt. Bereid je dier dus voor alsof er gewoon geknald wordt. Valt het mee, dan is dat winst.

Laat je dier wennen aan knallen

De sterkste aanpak tegen vuurwerkangst is geluidstraining, en die begint maanden van tevoren. Je laat je dier een geluid horen dat eerst zo zacht is dat het niet schrikt. Tegelijk krijgt het iets lekkers of een spelletje. Zo leert het dier dat een knal iets goeds aankondigt. Dierenartsen noemen dat tegenconditionering.

Onderzoek van Stefanie Riemer, die aan de Universiteit van Bern diergedrag onderzoekt, laat zien hoe goed dat werkt. Zij vroeg 1.225 hondeneigenaren wat zij hadden geprobeerd en wat hielp. Tegenconditionering werkte volgens ruim 70 procent van de eigenaren die het deden. Ontspanningstraining, waarbij een hond leert om op commando tot rust te komen, zat daar met 69 procent vlak onder.

Een tweede vondst van Riemer is minstens zo nuttig. Bij de oudejaarsnacht zelf was er maar één aanpak die samenhing met minder angst later: lekkers geven en spelen op het moment van de knallen. Een hond die bij elke knal een stuk kaas krijgt, leert dus iets. Een hond die alleen maar wordt vastgehouden, leert dat niet.

Zo train je je hond op vuurwerkgeluid

Begin in september of oktober, en in elk geval acht weken voor de jaarwisseling. Zet een opname van vuurwerk heel zacht aan, terwijl je hond eet of met je speelt. Merkt hij het niet op, dan zet je het een paar dagen later iets harder. Kijkt hij gespannen op, dan ga je een stap terug. Oefen kort, een paar minuten per keer, en stop voordat hij er genoeg van heeft.

Werkt het niet, of wordt je hond bij elke oefening banger? Stop dan en vraag hulp aan een gediplomeerde gedragstherapeut. Een opname die te hard staat, kan de angst juist versterken. Dat is precies waarom de Utrechtse gedragskliniek adviseert om een training te kiezen bij iemand met een diploma in diergedrag, in een kleine groep.

Een pup of kitten dit jaar

Veel honden krijgen hun vuurwerkangst al in het eerste levensjaar. Dat blijkt uit het onderzoek van Riemer. Een pup die voor het eerst oud en nieuw meemaakt, is dus het belangrijkste dier om voor te bereiden. In het Utrechtse onderzoek hadden honden die als pup aan geluid waren gewend, minder vaak vuurwerkangst. Bij katten was dat verband er niet, maar daar was ook maar 4 procent van de kittens aan geluid gewend.

Heb je een pup van rond een half jaar? Dan zit hij in een gevoelige fase waarin nieuwe prikkels extra hard binnenkomen. Kun je die eerste jaarwisseling op een stille plek doorbrengen, dan is dat volgens de Utrechtse gedragskliniek de beste keuze.

Medicijnen tegen vuurwerkangst

Is de vuurwerkangst van je dier ernstig, dan is een medicijn geen luxe maar dierenwelzijn. In Nederland zijn drie middelen speciaal geregistreerd voor honden met angst voor harde geluiden. Het gaat om een gel die je in de wangzak smeert (werkzame stof dexmedetomidine), een drankje (tasipimidine) en tabletten (imepitoïne). Voor katten is er geen middel geregistreerd; de dierenarts kiest dan een middel dat voor iets anders is bedoeld.

Dat staat in de informatiebrief die de apotheek van de Faculteit Diergeneeskunde elk jaar maakt voor dierenartsen, voor het laatst in december 2025. De brief is eerlijk over wat een medicijn kan. Het helpt een dier beter om te gaan met de knallen, maar het neemt de angst niet helemaal weg. Ook met medicijn blijft een dier wat gespannen reageren.

Twee praktische punten volgen daaruit. De tabletten moet je volgens de brief al twee dagen vóór het vuurwerk starten, dus een afspraak op 30 december is te laat. Plan het gesprek met je dierenarts in november of begin december. Vraag ook of je het middel eerst op een rustige dag kunt proberen, zodat je weet hoe je dier erop reageert. In het onderzoek van Riemer zag 69 procent van de eigenaren verbetering met een medicijn van de dierenarts.

Wat supplementen en een drukvest doen

De winkels liggen vanaf oktober vol met rustgevende druppels, kauwtabletten, verdampers met geurstoffen en kruidenmiddelen. Het bewijs dat ze vuurwerkangst verminderen, is zwak. In het onderzoek van Riemer vonden eigenaren feromonen, kruiden, voedingssupplementen, etherische oliën, homeopathie en bachbloesem allemaal in 27 tot 35 procent van de gevallen werken. Dat is ongeveer wat je van een nepmiddel mag verwachten, schrijft Riemer zelf.

Het Utrechtse onderzoek geeft hetzelfde beeld. Van de katten die een verdamper met geurstoffen kregen, werd maar 6 procent er blijvend rustiger van. Een drukvest, een strak hemd dat de hond geruststellend omsluit, scoort iets beter bij eigenaren. Een overzicht van alle onderzoeken naar drukvesten uit 2024 vond echter alleen zwak bewijs, uit kleine en slecht opgezette studies.

Ons oordeel: koop zo’n middel niet in plaats van training of een medicijn. Wil je het er toch naast gebruiken, dan kan het weinig kwaad. Maar reken er niet op, en stel het gesprek met de dierenarts er niet door uit.

Troosten mag

Lang ging het advies rond dat je een hond met vuurwerkangst moet negeren, omdat troosten de angst zou belonen. Dat klopt niet. Angst is een gevoel, geen trucje dat je beloont. Volgens de Utrechtse gedragskliniek mag je dier bij je komen liggen als het dat wil, en hoef je het niet weg te sturen. Andersom forceer je niets: kruipt je kat liever onder het bed, laat hem daar dan.

Wat wel telt, is hoe jij je gedraagt. Blijf rustig, praat gewoon tegen je dier en doe wat je anders ook op een avond doet. Een eigenaar die zelf bij elke knal opschrikt, maakt het niet makkelijker. Troosten alleen lost de angst ook niet op. In het Utrechtse onderzoek zag maar iets meer dan 20 procent van de eigenaren daar een blijvend effect van.

Oudejaarsavond zelf

Op de avond zelf gaat het om een veilige plek en afleiding. De volgende punten komen uit de adviezen van de Utrechtse gedragskliniek en het Landelijk InformatieCentrum Gezelschapsdieren (LICG), een onafhankelijke stichting die dierhouders voorlicht:

  • laat je hond overdag lang uit op een rustige plek, en ’s avonds alleen kort en aan de riem
  • sluit ramen en gordijnen voordat het donker wordt, zodat je dier de flitsen niet ziet
  • zet de radio of televisie aan, maar niet op een programma met harde geluiden
  • geef je dier een eigen plek om weg te kruipen, zoals een bench met een deken erover of een kast met de deur op een kier
  • geef iets om op te kauwen of een voerspelletje, en begin daar al voordat het vuurwerk begint
  • houd katten vanaf de middag binnen, en doe het kattenluik op slot

Katten, konijnen en andere dieren

Katten laten zich lastiger trainen dan honden, en maar 23 procent van de katteneigenaren zocht in het Utrechtse onderzoek hulp. Voor een kat is een donkere, hoge schuilplek vaak het belangrijkste. Het LICG raadt aan om konijnen en knaagdieren die buiten wonen naar een schuur of nachthok te brengen. Een hok kun je afdekken met een brandvertragende deken tegen het lawaai en de flitsen.

Als je dier wegloopt

In het Utrechtse onderzoek zei 5,9 procent van de eigenaren dat hun dier ooit was weggelopen na vuurwerk. Bij katten was dat 8,4 procent. Een chip met een kloppende registratie is dan het snelst weer thuis.

Voor honden is dat verplicht. Volgens de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA), de toezichthouder op dieren en voedsel, moet een pup binnen zeven weken na de geboorte een chip hebben. Binnen acht weken moet hij geregistreerd zijn. Voor katten die in Nederland zijn geboren, geldt die plicht niet. Op veel sites staat dat de chipplicht voor katten er in 2026 is gekomen, maar dat klopt niet. Laat je kat toch chippen, en kijk of je adres en telefoonnummer in de registratie nog kloppen.

Heb je een huisdierenverzekering? Kijk dan of een consult bij een gedragsdeskundige is gedekt. Dat verschilt per polis, en je wilt het weten voordat je in november een afspraak maakt.

Een planning voor de komende maanden

Wie nu begint, heeft genoeg tijd. In de tabel hieronder zie je wat je wanneer doet, en waarom het op dat moment moet.

WanneerWat je doetWaarom dan
September en oktoberBegin met geluidstraining en lekkers bij knallenTraining heeft weken nodig, en in september wordt al geknald
NovemberMaak een afspraak met de dierenarts als je dier echt bang isEen medicijn wil je eerst op een rustige dag uitproberen
DecemberRicht een schuilplek in en controleer de chipregistratieZo kent je dier de plek voordat het lawaai begint
29 en 30 decemberStart zo nodig de tabletten die de dierenarts gafDie moeten twee dagen vóór het vuurwerk beginnen
JanuariLet op of je dier bang blijft voor andere geluidenAngst kan zich uitbreiden; dan is hulp van een gedragstherapeut nodig
Bron: Universiteit Utrecht, Faculteit Diergeneeskunde; Riemer, Universiteit van Bern; LICG.

Veelgestelde vragen over vuurwerkangst

Hoe lang duurt het voordat een hond weer normaal doet na vuurwerk?

Bij de meeste honden is de angst de volgende ochtend weg. In het onderzoek van Riemer aan de Universiteit van Bern gold dat voor bijna drie op de vier bange honden. Bij 12 procent duurde het tot een week, en bij ruim 3 procent weken of zelfs maanden. Is je hond na een week nog steeds schrikkerig, ga dan naar de dierenarts.

Kan ik zelf kalmeringsmiddelen voor mijn hond kopen?

De middelen die echt tegen angst werken, krijg je alleen via de dierenarts. Wat in de winkel of online te koop is zonder recept, zijn supplementen, kruiden en geurstoffen. Die werkten in het onderzoek van Riemer bij 27 tot 35 procent van de honden, ongeveer net zo vaak als een nepmiddel. Geef je hond ook nooit een kalmeringsmiddel voor mensen zonder overleg, want de dosis voor een dier is heel anders.

Wordt vuurwerkangst vanzelf minder als mijn hond ouder wordt?

Soms wel, maar vaker niet. Riemer zag bij eigenaren allebei: honden die er beter mee om leerden gaan, en honden bij wie het elk jaar erger werd. Na het zevende jaar krijgen weinig honden de angst nog voor het eerst. Wachten tot het overgaat is dus geen plan; oefenen wel.

Kan ik met oud en nieuw naar een plek gaan waar geen vuurwerk is?

Ja, en dat leverde in het Utrechtse onderzoek het vaakst een blijvend resultaat op. Uitwijken naar een stillere plek, zoals een vakantiehuisje, hielp 29 procent van de dieren blijvend. Bij geen enkele andere aanpak lag dat hoger. Kies een plek buiten de bebouwde kom en ver van een dorp waar een vereniging vuurwerk afsteekt.

Deel dit artikel

Hoe we dit artikel hebben gemaakt

Eerste publicatie op . Geschreven door onze eigen redactie en nagelopen op feiten, cijfers en bronnen.

Klopt er iets niet, of mis je iets? Laat het ons weten. We lopen het na en passen het artikel aan.

Bronnen

Team Kennisdomein

Geschreven door

Team Kennisdomein

Team Kennisdomein is de redactie van Kennisdomein en geen persoon. De kern wordt gevormd door Chadli Hachani en Sonja Schwedersky, aangevuld met vaste schrijvers en meelezers per onderwerp.

Schrijft over Maatschappelijk, Ondernemen, Producten en Marketing.

Verder lezen in Maatschappelijk

Alle artikelen in Maatschappelijk