Planeten op volgorde, en hoe ver ze echt uit elkaar staan
Ons zonnestelsel heeft acht planeten. Hier lees je de volgorde van de planeten, hoe groot ze zijn en hoe ver ze echt uit elkaar staan.

Vanaf de zon gerekend is de volgorde van de planeten Mercurius, Venus, de aarde, Mars, Jupiter, Saturnus, Uranus en Neptunus. Mercurius staat gemiddeld 57,9 miljoen kilometer van de zon, Neptunus 4,5 miljard kilometer. Dat is bijna 80 keer zo ver. Die cijfers komen uit de planeetgegevens van NASA, de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie. De eerste vier zijn kleine planeten van gesteente, de laatste vier zijn reuzen. Dit artikel hoort bij onze reeks over sterrenkunde. Meer over de aarde en het heelal staat in het kennisgebied Wereld.
De acht planeten in cijfers
Jupiter is de grootste planeet en Mercurius de kleinste; Neptunus staat het verst weg. In de tabel hieronder staan de acht planeten in de volgorde vanaf de zon. Per planeet zie je de middellijn en de gemiddelde afstand tot de zon. De laatste kolom zegt hoe lang een rondje om de zon duurt.
| Planeet | Middellijn | Afstand tot de zon | Rondje om de zon |
|---|---|---|---|
| Mercurius | 4.879 km | 57,9 miljoen km | 88 dagen |
| Venus | 12.104 km | 108,2 miljoen km | 225 dagen |
| Aarde | 12.756 km | 149,6 miljoen km | 365 dagen |
| Mars | 6.792 km | 228 miljoen km | 687 dagen |
| Jupiter | 142.984 km | 778,5 miljoen km | 12 jaar |
| Saturnus | 120.536 km | 1,43 miljard km | 29 jaar |
| Uranus | 51.118 km | 2,87 miljard km | 84 jaar |
| Neptunus | 49.528 km | 4,52 miljard km | 164 jaar |
Tussen de twee groepen zit een groot gat. Mars staat 228 miljoen kilometer van de zon, Jupiter ruim drie keer zo ver. Hoe verder weg een planeet staat, hoe langzamer hij gaat. Mercurius raast met 47 kilometer per seconde om de zon, Neptunus doet het met 5,4. Neptunus gaat bovendien een veel langere weg: een jaar duurt er 164 van onze jaren. Wie daar geboren zou worden, viert er nooit een verjaardag.
Een dag die langer duurt dan een jaar
Ook de lengte van een dag verschilt per planeet enorm. Jupiter draait in minder dan 10 uur om zijn as, de kortste dag van alle planeten. Op Mercurius duurt het 176 aardse dagen van zonsopkomst tot zonsopkomst. Dat is twee keer zo lang als zijn jaar van 88 dagen.
Venus is de vreemdste. Ze draait heel langzaam en achteruit om haar as: één rondje kost 243 aardse dagen. Een rondje om de zon duurt maar 225 dagen, dus op Venus duurt één draai om de eigen as langer dan een jaar. Van zonsopkomst tot zonsopkomst is het daar 117 dagen. Uranus ligt bijna op zijn kant: zijn as staat 98 graden scheef. Ook dat staat in de planeetgegevens van NASA.
Van groot naar klein
Op grootte is de volgorde heel anders: Jupiter, Saturnus, Uranus, Neptunus, de aarde, Venus, Mars en Mercurius. Jupiter is ruim 11 keer zo breed als de aarde. Hij weegt ook 2,5 keer zoveel als alle andere planeten samen. Dat volgt uit de massa’s in dezelfde tabel van NASA.
Uranus en Neptunus lijken een tweeling. Toch zijn ze niet gelijk: Uranus is iets breder, maar Neptunus is zwaarder. Neptunus weegt 17 keer zoveel als de aarde, Uranus ruim 14 keer. De aarde is de grootste van de vier planeten van gesteente, en Venus is bijna even groot. Mars is ongeveer half zo breed als de aarde, en Mercurius is de kleinste van de acht.
Wat een planeet tot planeet maakt
Een planeet draait om de zon, is zo zwaar dat hij bijna rond is en heeft de ruimte rond zijn baan schoongeveegd. Dat zijn de drie eisen die de sterrenkundigen op 24 augustus 2006 in Praag vastlegden. Ze stemden daarover bij de Internationale Astronomische Unie (IAU), de wereldwijde vereniging van sterrenkundigen die namen en definities in de sterrenkunde vastlegt.
De tweede eis betekent dat de eigen zwaartekracht de planeet bijna rond trekt. De derde eis betekent dat er geen ander groot object in dezelfde strook om de zon draait.
Waarom Pluto afviel
Pluto voldoet aan de eerste twee eisen, maar niet aan de derde. Hij deelt zijn baan met veel andere ijsbrokken voorbij Neptunus. Daarom werd Pluto in 2006 een dwergplaneet. Dat is een hemellichaam dat rond is en om de zon draait, maar zijn baan niet heeft schoongeveegd en geen maan is. De eerste drie dwergplaneten waren Ceres, Pluto en een object dat toen nog de tijdelijke naam 2003 UB313 had.
De baan van Pluto is bovendien zo langgerekt dat hij soms dichter bij de zon komt dan Neptunus ooit doet. Op zijn dichtst staat Pluto 4,44 miljard kilometer van de zon, Neptunus nooit dichter dan 4,47 miljard. Ook dat volgt uit de tabel van NASA.
De definitie zelf werd met grote meerderheid aangenomen, zonder telling. Over Pluto werd wel geteld: van de 411 aanwezige leden stemden 237 voor en 157 tegen, 17 onthielden zich. Een voorstel om de nieuwe soort dwergplaneten voorbij Neptunus plutonische objecten te noemen, haalde het niet: 183 stemmen voor, 186 tegen.
De volgorde van de planeten onthouden
Een bekend Nederlands ezelsbruggetje is Mijn Vader At Meestal Jonge Spruitjes Uit Nieuwe Pekela. Elke eerste letter is een planeet, van Mercurius tot en met de P van Pluto. Sinds 2006 staat er dus een woord te veel in. Wie het nog zo leerde, mist niets als hij Pekela weglaat: het bruggetje eindigt dan op de N van Neptunus.
Liever een eigen versie? Maak dan een zin van acht woorden met dezelfde beginletters als de planeten. Mijn Vader At Maandag Jonge Spruitjes Uit Nijmegen is er een. Tel na afloop de woorden. Zijn het er acht, dan klopt je bruggetje.
Een tweede houvast is de indeling in twee groepen van vier. Eerst de kleine planeten van gesteente, tot en met Mars. Daarna de vier reuzen, van Jupiter tot en met Neptunus. Weet je dat Jupiter de grootste is en Neptunus de verste, dan heb je het begin en het eind van de tweede groep al.
Het zonnestelsel op schaal
Is de zon een voetbal, dan is de aarde een korreltje van 2 millimeter op 24 meter en Neptunus een erwt op ruim 700 meter. Op bijna elke schoolplaat staan de planeten toch netjes naast elkaar, als kralen aan een ketting. Dat beeld klopt niet, en het kan ook niet kloppen. Teken je de planeten namelijk groot genoeg om ze te zien, dan passen de afstanden niet meer op het papier.
Stel dat de zon een voetbal is van 22 centimeter. De zon is ongeveer 1,39 miljoen kilometer breed, meldt NASA, dus dan is alles 6,3 miljard keer verkleind. Jupiter is in dat model een grote knikker op 123 meter. Naar Neptunus is het een kleine tien minuten lopen. Daartussen is alleen lege ruimte.
In de tabel hieronder staat per planeet hoe groot hij in dat voetbalmodel is en hoe ver van de bal hij ligt. De laatste kolom geeft de afstand op de schaal van het oudste nog werkende planetarium ter wereld, in Franeker.
| Planeet | Grootte als de zon een voetbal is | Afstand tot de voetbal | Op de schaal van Eisinga |
|---|---|---|---|
| Mercurius | 0,8 mm | 9 meter | 5,8 cm |
| Venus | 1,9 mm | 17 meter | 10,8 cm |
| Aarde | 2 mm | 24 meter | 15 cm |
| Mars | 1,1 mm | 36 meter | 22,8 cm |
| Jupiter | 2,3 cm | 123 meter | 78 cm |
| Saturnus | 1,9 cm | 226 meter | 1,43 meter |
| Uranus | 8 mm | 453 meter | 2,87 meter |
| Neptunus | 8 mm | 714 meter | 4,52 meter |
Het plafond van Eise Eisinga
In Franeker bouwde Eise Eisinga tussen 1774 en 1781 een bewegend zonnestelsel in het plafond van zijn huiskamer. Hij was wolkammer: hij kamde ruwe wol, zodat die gesponnen kon worden. Het museum in zijn huis noemt het het oudste nog werkende planetarium ter wereld. Eisinga verkleinde het zonnestelsel een biljoen keer: 1 millimeter in zijn plafond is 1 miljoen kilometer in de ruimte. Op die schaal draait de aarde op 15 centimeter om de zon, Saturnus op bijna anderhalve meter.
Uranus en Neptunus ontbreken, en dat is geen vergissing. William Herschel vond Uranus in 1781, het jaar waarin het plafond klaar was. Hij hield het eerst voor een komeet of een ster. Het was de eerste planeet die met een telescoop werd gevonden, schrijft NASA. Op de schaal van Eisinga had Uranus op 2,87 meter van de zon moeten hangen, en Neptunus op ruim 4,5 meter.
Vaak lees je dat Eisinga zijn planetarium bouwde om mensen gerust te stellen. In 1774 voorspelde een dominee dat een samenstand van planeten de aarde de zon in zou slingeren. Een samenstand betekent dat planeten vanaf de aarde gezien dicht bij elkaar staan. Het museum schrijft echter dat die onrust volgens historisch onderzoek wel meeviel. Waarschijnlijker is dat Eisinga vooral rekenwerk wilde besparen: in zijn plafond zag hij in één oogopslag hoe de planeten stonden.
Welke planeet staat het dichtst bij de aarde?
Op zijn dichtst is dat Venus, maar gemiddeld over de tijd is het Mercurius. Venus komt tot ongeveer 40 miljoen kilometer van de aarde, dichterbij dan elke andere planeet. Daarom noemen de meeste bronnen Venus. Alleen de maan staat nog dichterbij, op gemiddeld 384.000 kilometer, en die is geen planeet.
Dat Mercurius gemiddeld wint, komt doordat Venus een groot deel van de tijd ver weg staat, soms aan de andere kant van de zon. Dan zit er bijna 260 miljoen kilometer tussen. Mercurius draait daarentegen in een kleine baan vlak bij de zon en kan dus nooit zo ver weg raken.
We rekenden het na met de gemiddelde afstanden uit de tabel van NASA, alsof de banen cirkels in één vlak zijn. Gemiddeld staat Mercurius dan 155 miljoen kilometer van de aarde, Venus 170 miljoen en Mars 253 miljoen. Dezelfde som geeft een verrassing: gemiddeld staat Mercurius ook het dichtst bij Neptunus. Venus is dus onze naaste buur op zijn dichtst, Mercurius op de lange duur.
Planeten op een rij
Vier of vijf planeten tegelijk met het blote oog zie je volgens NASA eens in de paar jaar. De volgende keer met vijf is eind oktober 2028, vlak voor zonsopkomst. Toch gaat er vaker een bericht rond over een planetenparade, soms met zes planeten op een rij. NASA schrijft dat planetenparade geen vakterm is. Op een rij staan de planeten eigenlijk altijd. Ze draaien ongeveer in hetzelfde vlak om de zon, en vanaf de aarde zie je ze daardoor altijd langs dezelfde boog aan de hemel. Die boog heet de ecliptica: het vlak van de planeetbanen, gezien van binnenuit.
Zes planeten tegelijk met het blote oog lukt bij zo’n parade bovendien niet. Die zie je in de schemering, en dan zie je zonder kijker hoogstens vijf planeten: Mercurius, Venus, Mars, Jupiter en Saturnus. Uranus is zo zwak dat je er een heel donkere nacht voor nodig hebt, en Neptunus vraagt altijd een telescoop.
Welke planeten je in het najaar van 2026 ziet
Een helder lichtpuntje aan de avondhemel is dit najaar bijna zeker Saturnus. In oktober staat hij ’s avonds laag in het oosten, in december halfhoog in het zuiden. Hij staat op 4 oktober in oppositie, meldt Royal Museums Greenwich, de Britse musea rond de oude sterrenwacht van Greenwich. Oppositie betekent dat een planeet vanaf de aarde gezien recht tegenover de zon staat. Hij is dan de hele nacht te zien en extra helder.
In de tabel hieronder zie je welke planeten je tot eind december kunt vinden, wanneer en waar. We rekenden het uit voor het midden van het land.
| Planeet | Wanneer | Waar aan de hemel | Zonder kijker |
|---|---|---|---|
| Saturnus | hele herfst | ’s avonds, van oost (oktober) naar zuid (december) | ja |
| Neptunus | hele herfst | ’s avonds, in de buurt van Saturnus | nee |
| Jupiter | hele herfst | ’s nachts en ’s ochtends, zuidoosten tot zuiden | ja, heel helder |
| Mars | hele herfst | ’s nachts en ’s ochtends, zuidoosten tot zuiden | ja, oranje |
| Venus | vanaf half november | ’s ochtends laag in het zuidoosten | ja, het helderst |
| Mercurius | rond 21 november | vlak voor zonsopkomst, laag in het zuidoosten | lastig |
| Uranus | hele herfst, het best rond 25 november | de hele nacht | met een kijker |
Laat op de avond en vroeg in de ochtend
Jupiter en Mars komen begin oktober pas na middernacht op, half december al voor elf uur ’s avonds. Venus staat rond 24 oktober tussen de aarde en de zon, en daarom zie je haar dan niet. Daarna wordt ze de morgenster.
Wie geduld heeft, wacht op februari 2027. Volgens onze berekening staan Jupiter en Mars dan binnen tien dagen na elkaar in oppositie, allebei de hele nacht aan de hemel.
Veelgestelde vragen over de planeten
Welke drie planeten staan het dichtst bij de zon?
Mercurius, Venus en de aarde. Mercurius staat gemiddeld 57,9 miljoen kilometer van de zon, Venus 108,2 miljoen en de aarde 149,6 miljoen. Dat staat in de planeetgegevens van NASA, de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie. Mars volgt als vierde, op 228 miljoen kilometer.
Welke planeet is het heetst?
Venus, en niet Mercurius, al staat Mercurius dichter bij de zon. NASA geeft voor Venus een gemiddelde temperatuur van 464 graden Celsius, voor Mercurius 167 graden. Het verschil zit in de dampkring. Op Venus is de luchtdruk aan de grond 92 keer zo hoog als op aarde, op Mercurius is er vrijwel geen lucht.
Hoeveel planeten zie je met het blote oog?
Vijf: Mercurius, Venus, Mars, Jupiter en Saturnus, schrijft NASA, de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie. Uranus is zo zwak dat je een heel donkere hemel en goede ogen nodig hebt; NASA raadt een telescoop aan. Neptunus zie je nooit zonder telescoop.
Hoe lang doet zonlicht over de reis naar de planeten?
Licht reist met bijna 300.000 kilometer per seconde. Zonlicht is na ruim 8 minuten bij de aarde, na 43 minuten bij Jupiter en na ruim 4 uur bij Neptunus. Dat volgt uit de gemiddelde afstanden van NASA, de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie.
Hoe we dit artikel hebben gemaakt
Eerste publicatie op . Onze redactie heeft dit artikel gecontroleerd op feiten, cijfers en bronnen.
Zie je een fout, of mis je iets? Laat het ons weten, dan zoeken we het uit en passen we het artikel aan. Zo werkt onze redactie.
Bronnen
- NASA, Planetary Fact Sheet, bijgewerkt 18 maart 2025. Middellijn, massa, afstand tot de zon, omlooptijd, snelheid, temperatuur en luchtdruk van de acht planeten.
- Internationale Astronomische Unie, Result of the IAU Resolution votes, Praag, 24 augustus 2006. De drie eisen voor een planeet, de eerste dwergplaneten en de stemmingen over Pluto.
- Sun Fact Sheet van NASA, de zon in getallen. De straal van de zon, 695.700 kilometer, voor het voetbalmodel.
- Eise Eisinga Planetarium, Geschiedenis. De bouw tussen 1774 en 1781, de schaal van 1 millimeter op 1 miljoen kilometer, het oudste werkende planetarium en de onrust van 1774.
- Uranus-pagina van NASA, Uranus Facts. De ontdekking door William Herschel in 1781, de eerste planeet die met een telescoop werd gevonden.
- Royal Museums Greenwich, Space and astronomy highlights 2026. Saturnus in oppositie op 4 oktober 2026.
- Planetenparades bij NASA, Planetary Alignments and Planet Parades, 4 februari 2025. Geen vakterm, de ecliptica, vijf planeten met het blote oog en vijf planeten eind oktober 2028.
Geschreven door
Team Kennisdomein is de redactie van Kennisdomein. We maken onderwerpen die ingewikkeld lijken begrijpelijk voor iedereen, in gewone taal.
Verder lezen in Wereld
De zon in cijfers, en hoe lang ze nog schijntDe zon is de ster in het midden van ons zonnestelsel. Hoe heet en hoe groot is ze, en hoe lang schijnt ze nog?
Internationaal Ruimtestation ISS: bouw, bemanning en eindeHet ISS is het grootste bewoonde ruimtestation, op ruim 400 kilometer hoogte. Lees over de bouw, het leven aan boord en het einde.
De maan: afstand, fasen en de vlucht van Artemis IIDe maan is de natuurlijke satelliet van de aarde. Lees hoe ver ze staat en wie er sinds 1969 naartoe vloog.
Mars, de rode planeet: feiten, water en ruimtemissiesMars is de vierde planeet vanaf de zon en dankt zijn rode kleur aan roest. Lees over water en ijs, de grootste vulkaan en de missies.