De opwarming van de aarde: cijfers, oorzaken en gevolgen
Bij de opwarming van de aarde stijgt de gemiddelde temperatuur. De laatste drie jaar was die meer dan 1,5 graad hoger dan rond 1900.

Dat cijfer komt uit het klimaatrapport van de Europese klimaatdienst Copernicus over 2025, waar het KNMI in januari 2026 over schreef. 2025 werd wereldwijd het op twee na warmste jaar, na 2023 en 2024, en die drie jaren waren gemiddeld meer dan 1,5 graad warmer dan rond 1900. Het KNMI voegt daar een conclusie aan toe die verder gaat dan de jaarlijstjes. Uit de warme jaren samen met oceaanmetingen en satellietmetingen blijkt dat de opwarming aan het versnellen is. In Nederland is het in het eerste kwart van deze eeuw 1 graad warmer geworden.
Hoe snel de aarde opwarmt
Eén warm jaar zegt weinig, een rij warme jaren zegt alles. 2023 was het eerste jaar waarin de wereldgemiddelde temperatuur in het voorjaar harder steeg dan gebruikelijk en in de zomer een record bereikte. In 2024 en 2025 bleef die temperatuur onverminderd hoog. De plek van de warmte verschoof wel: in 2023 en 2024 waren vooral de tropen en de noordelijke gematigde breedtes abnormaal warm, in 2025 waren dat de poolgebieden.
Die verschuiving heeft twee oorzaken die het KNMI apart benoemt. El Niño, dat de tropen in 2023 extra warm maakte, ging in 2025 over in een zwakke La Niña. En op beide polen lag weinig zee-ijs. Dat laatste versterkt zichzelf: waar zee-ijs verdwijnt wordt minder zonlicht teruggekaatst en warmt de oceaan extra op. In 2025 ontbraken bovendien de gebieden die abnormaal koud waren, en dat is precies waarom een jaar met een zwakke La Niña toch in de top drie eindigt.
Wat Nederland nu al merkt
De Nederlandse cijfers zijn concreter dan de wereldgemiddelden, en het KNMI zet ze elk jaar eind januari op een rij in De staat van ons klimaat. De gemiddelde temperatuur in De Bilt was in 2025 11,4 graden, het zesde warmste jaar sinds het begin van de meetreeks in 1901. Voor het eerst liggen de tien warmste jaren allemaal in deze eeuw, en zeven daarvan in de laatste tien jaar.
Het sterkste cijfer gaat niet over de temperatuur zelf maar over hoe gewoon die is geworden. De zomer van 2025 had een gemiddelde temperatuur van 18,5 graden, de vierde warmste zomer van de meetreeks. Zo’n zomer komt in het huidige klimaat ongeveer eens in de twee jaar voor. In het klimaat van het begin van deze eeuw was dat eens in de twintig jaar. In dat van het begin van de vorige eeuw eens in de duizend jaar.
Ook Caribisch Nederland warmt op. Op Bonaire was 2025 het een na warmste jaar van de meetreeks, na 2024, en het derde jaar op rij dat in de top tien droogste jaren valt. Een warmer voorjaar raakt daarnaast het dagelijks leven; wat een langer groeiseizoen betekent voor het pollenseizoen bij hooikoorts, staat op een eigen pagina.
Waarom dit anders is dan eerdere warme periodes
Het klimaat is altijd in beweging geweest. Er zijn ijstijden geweest en er zijn warme periodes geweest, en waar nu land is lag ooit zee. Dat maakt de vraag begrijpelijk of de huidige opwarming niet gewoon zo’n natuurlijke schommeling is.
Het KNMI is daar kort over. De mens speelde de afgelopen eeuw een grote rol, en de snelheid waarmee de aarde sinds halverwege de vorige eeuw opwarmt is ongeëvenaard. Het gaat dus niet om de vraag of het eerder warm is geweest, maar om het tempo. Wat de komende decennia met dat tempo gebeurt, en welke keuzes daarbij horen, staat bij de toekomst van het klimaat.
Wat de klimaatscenarios voor 2100 zeggen
Het KNMI rekent de toekomst door in de klimaatscenario’s KNMI’23. De tabel hieronder zet het laagste en het hoogste scenario voor 2100 naast elkaar, telkens vergeleken met de periode 1991 tot 2020. Dat is een ander vertrekpunt dan de 1,5 graad uit de wereldcijfers, die met rond 1900 vergelijkt.
| Wat er verandert | Nu (1991-2020) | Laag scenario in 2100 | Hoog scenario in 2100 |
|---|---|---|---|
| Opwarming wereldwijd, vergeleken met 1850-1900 | niet van toepassing | 1,7 graden | 4,9 graden |
| Zeespiegel bij de Nederlandse kust | stijgt 3 millimeter per jaar | 44 centimeter hoger, met een marge van 26 tot 73 | 82 centimeter hoger, met een marge van 59 tot 124 |
| Jaargemiddelde temperatuur in Nederland | 10,5 graden | 0,9 graden hoger | 4,4 graden hoger |
| Neerslag in de winter | 218 millimeter | 4 tot 5 procent meer | 14 tot 24 procent meer |
| Neerslag in de zomer | 235 millimeter | 2 tot 8 procent minder | 12 tot 29 procent minder |
| Zwaarste uurbui die jaarlijks voorkomt | 16 millimeter | 4 tot 6 procent meer | 15 tot 31 procent meer |
Uit die rij komt het beeld dat voor Nederland het meest uitmaakt. De winters worden natter en de zomers droger, terwijl de buien die wel vallen zwaarder worden. Dat is geen tegenspraak maar dezelfde beweging: warmere lucht houdt meer waterdamp vast, dus als het regent, regent het harder. Voor rioleringen en watersystemen is die combinatie lastiger dan een simpele toename of afname. Natter betekent in de winter niet witter. Omdat het minder vaak vriest, valt meer neerslag als regen, en de kans op een witte kerst wordt kleiner.
Hoe je zulke scenarios moet lezen
Een scenario is geen voorspelling. Het KNMI rekent verschillende toekomsten door en varieert daarbij twee dingen: hoeveel de wereld opwarmt, en of Nederland droger of natter wordt. In de kerncijfers zie je dat terug doordat twee scenario’s dezelfde wereldwijde opwarming hebben maar een andere neerslaguitkomst. Welk scenario uitkomt, hangt vooral af van de uitstoot wereldwijd.
Let ook op de marges. De zeespiegelstijging van 44 centimeter in het laagste scenario heeft een marge van 26 tot 73 centimeter, en in het hoogste scenario loopt die van 59 tot 124. Wie alleen het middelste getal noemt, laat de helft van het verhaal weg. En let op het vertrekpunt. De scenario’s vergelijken met 1991 tot 2020 en niet met de negentiende eeuw, dus de graden uit deze tabel staan niet op dezelfde meetlat als de 1,5 graad uit het wereldnieuws.
Veelgestelde vragen over de opwarming van de aarde
Hoeveel is de aarde al opgewarmd
De jaren 2023, 2024 en 2025 waren gemiddeld meer dan 1,5 graad warmer dan rond 1900. Dat volgt uit het klimaatrapport van Copernicus over 2025, waarover het KNMI in januari 2026 schreef. 2025 was daarmee wereldwijd het op twee na warmste jaar. In Nederland ging het in het eerste kwart van deze eeuw om 1 graad.
Gaat de opwarming sneller dan eerst
Ja, dat is de conclusie van het KNMI. Die baseert zich op de recente warme jaren in combinatie met oceaanmetingen en satellietmetingen van de gereflecteerde zonnestraling en de uitgestraalde warmte. Ook noemt het KNMI de snelheid van de opwarming sinds halverwege de vorige eeuw ongeëvenaard. Het gaat dus niet alleen om hóóg, maar ook om snél.
Wat betekent het voor de zeespiegel bij ons
De zeespiegel bij de Nederlandse kust stijgt nu ongeveer 3 millimeter per jaar. In het laagste scenario van KNMI’23 ligt hij in 2100 zo’n 44 centimeter hoger dan in de periode 1991 tot 2020, met een marge van 26 tot 73 centimeter. In het hoogste scenario is dat 82 centimeter, met een marge van 59 tot 124 centimeter.
Worden de zomers in Nederland droger of natter
Droger, en tegelijk met zwaardere buien. In het hoogste scenario valt er in de zomer 12 tot 29 procent minder neerslag dan nu. Tegelijk brengt de zwaarste uurbui die jaarlijks voorkomt 15 tot 31 procent meer water. In de winter gaat het juist om 14 tot 24 procent meer neerslag.
Hoe we dit artikel hebben gemaakt
Eerste publicatie op , laatst bijgewerkt op . Onze redactie heeft dit artikel gecontroleerd op feiten, cijfers en bronnen.
Zie je een fout, of mis je iets? Laat het ons weten, dan zoeken we het uit en passen we het artikel aan. Zo werkt onze redactie.
Bronnen
- KNMI, De staat van ons klimaat 2025, 29 januari 2026: de 11,4 graden in De Bilt en de zesde plaats sinds 1901, de tien warmste jaren die nu alle in deze eeuw liggen, de 1 graad opwarming in het eerste kwart van deze eeuw, de zomer van 18,5 graden met de vergelijking eens in de twee, twintig en duizend jaar, en de cijfers voor Bonaire.
- KNMI, 2025: opwarming gaat steeds sneller, 15 januari 2026, over het Copernicus-rapport: de derde plaats van 2025, de meer dan 1,5 graad over 2023 tot 2025, de versnelling op basis van oceaan- en satellietmetingen, de verschuiving van de tropen naar de poolgebieden, El Niño en La Niña, en het zee-ijs dat de opwarming versterkt.
- KNMI, kerncijfers van de klimaatscenario’s KNMI’23: alle getallen uit de tabel voor 2100, het landelijk gemiddelde, de marges bij de zeespiegel en het vertrekpunt 1991 tot 2020.
- KNMI, Klimaat van Nederland: de rol van de mens in de afgelopen eeuw en de ongeëvenaarde snelheid van de opwarming sinds halverwege de vorige eeuw.
Geschreven door
Team Kennisdomein is de redactie van Kennisdomein. We maken onderwerpen die ingewikkeld lijken begrijpelijk voor iedereen, in gewone taal.
Verder lezen in Wereld
Klimaat van Nederland, de gemiddelde temperatuur per maandHet klimaat van Nederland in cijfers: de gemiddelde temperatuur per maand, overdag en ’s nachts, met regen, zon en records.
Koudegolf in Nederland en de koudste winters sinds 1901Een koudegolf is minstens vijf ijsdagen op rij in De Bilt, waarvan minstens drie met strenge vorst. Zo vaak kwam het voor sinds 1901.
De toekomst van het klimaat: scenarios cijfers en doelenHet klimaat warmt op en de zeespiegel stijgt. Lees wat de KNMI-scenario’s over de toekomst van Nederland zeggen.
De vier seizoenen en wanneer ze beginnen, data tot 2030De vier seizoenen beginnen op twee manieren: voor weerkundigen op de eerste van de maand, aan de hemel zo’n drie weken later.