Taalniveaus uitgelegd: A1 tot C2 en 1F tot 4F in Nederland
Nederland kent twee systemen voor taalniveaus: A1 tot C2 uit Europa en 1F tot 4F. Lees welk niveau je waarvoor nodig hebt.

Voor de meeste mensen komt het neer op drie codes. Voor het inburgeringsexamen is B1 de norm. Wie dat na minimaal 600 uur les niet haalt, mag onderdelen op A2 doen. Zo staat het op de site van DUO, de dienst van de overheid die de examens afneemt. Voor een hbo- of universitaire studie in het Nederlands geldt B2, het niveau van Staatsexamen Nt2 Programma II (Nt2 staat voor Nederlands als tweede taal). En een kind dat de basisschool verlaat, hoort minstens op 1F te zitten. Hieronder lees je wat elk niveau inhoudt en hoe de twee systemen op elkaar passen.
Het Europese referentiekader
Het Europees Referentiekader voor de Talen, afgekort ERK, is de Europese meetlat voor hoe goed iemand een taal beheerst. De Raad van Europa, de organisatie van 46 Europese landen die zich bezighoudt met mensenrechten en cultuur, bracht het kader in 2001 uit; in 2020 kwam er een vernieuwde versie. In het Engels heet het CEFR, en die afkorting staat vaak op certificaten. Het doel is vergelijken: een B2 voor Duits in Spanje betekent hetzelfde als een B2 voor Nederlands in Nederland.
In Nederland kom je het ERK vooral tegen bij mensen die Nederlands als tweede taal leren, bij cursussen Engels, Frans of Duits en op certificaten van taalscholen. Het onderwijs voor Nederlandstalige leerlingen werkt met een ander systeem, de F-niveaus; daarover verderop meer.
De zes niveaus op een rij
Het ERK kent zes niveaus, elk met een letter en een cijfer. A1 en A2 horen bij de basisgebruiker, B1 en B2 bij de onafhankelijke gebruiker (iemand die zich zelfstandig redt) en C1 en C2 bij de vaardige gebruiker. Het cijfer 1 is steeds de lagere trede binnen de letter. In de tabel hieronder zie je per ERK-niveau wat je ermee kunt en welk Nederlands examen of schoolniveau er ongeveer bij hoort.
| ERK-niveau | Wat kun je | Examen of schoolniveau dat erbij hoort |
|---|---|---|
| A1 | Korte zinnen over jezelf en je omgeving, als de ander langzaam praat | Geen examen; het startpunt van de meeste taalcursussen |
| A2 | Eenvoudige gesprekken over boodschappen, werk en familie; een kort briefje schrijven | Niveau waarop je bij inburgering mag terugvallen na 600 uur les; ongeveer eind groep 6 |
| B1 | Zelfstandig meedoen in werk en dagelijks leven; de hoofdlijn van een tekst begrijpen | Inburgeringsexamen; Staatsexamen Nt2 Programma I; ongeveer 2F (eind vmbo, mbo 1 tot en met 3) |
| B2 | Ingewikkelde teksten en gesprekken over je vak aankunnen | Staatsexamen Nt2 Programma II, toegang tot hbo en universiteit; ongeveer 3F (eind havo, mbo 4) |
| C1 | Lange teksten begrijpen, ook wat er tussen de regels staat; vloeiend spreken | Geen landelijk examen; ongeveer 4F (eind vwo) |
| C2 | De taal moeiteloos gebruiken, bijna als een moedertaalspreker | Geen landelijk examen |
B1 als naam voor eenvoudige teksten
Let op het woord B1 in een andere betekenis. Overheden en bedrijven zeggen vaak dat ze schrijven op taalniveau B1. Ze bedoelen dan korte zinnen en gewone woorden, zodat de meeste lezers de tekst begrijpen. Dat is een afspraak over teksten, geen examenniveau; de bekende claim dat 95 procent van de Nederlanders B1 begrijpt, is nooit onderzocht. Waar de 80 en de 95 procent vandaan komen, lees je in ons artikel over taalniveau B1.
Hoe wordt het taalniveau van iemand beoordeeld?
Een taalniveau is geen rapportcijfer voor de hele taal, maar een score per vaardigheid. Het ERK onderscheidt er vijf: lezen, luisteren, spreken (iets vertellen), gesprekken voeren en schrijven. Iemand kan dus op B2 lezen en op B1 spreken. Bij het inburgeringsexamen en het Staatsexamen Nt2 doe je vier onderdelen: lezen, luisteren, spreken en schrijven, allemaal op de computer.
Wie het niveau vaststelt, hangt af van het doel. Voor inburgering en het Staatsexamen Nt2 is dat DUO. Taalscholen en universitaire talencentra geven eigen certificaten af op een ERK-niveau. Zo’n certificaat is alleen iets waard als de instantie die het niveau eist, het ook erkent. Het BIG-register, het overheidsregister van zorgverleners, publiceert daarom een lijst met certificaten die het accepteert.
Wat kun je op A1 tot en met B1?
A1 is het laagste niveau. Je begrijpt bekende woorden en korte zinnen over jezelf, je familie en je directe omgeving, zolang de ander langzaam en duidelijk spreekt. Je kunt je naam, adres en nationaliteit op een formulier invullen en een eenvoudig gesprekje voeren, vaak met hulp van de ander.
Op A2 red je je in alledaagse situaties: boodschappen doen, iets vertellen over je werk en je familie, een folder of dienstregeling lezen, een kort briefje schrijven. Een gesprek gaande houden is nog lastig, omdat je woordenschat tekortschiet. Tot 2022 was A2 het niveau van het inburgeringsexamen.
Op B1 functioneer je zelfstandig. Je begrijpt de hoofdlijn van een duidelijke tekst over werk, school of vrije tijd, je redt je op reis en je kunt over een vertrouwd onderwerp je mening geven. B1 is sinds 1 januari 2022 de norm voor het inburgeringsexamen. Het is ook het niveau van Staatsexamen Nt2 Programma I, bedoeld voor wie een mbo-opleiding wil doen of op mbo 3- of mbo 4-niveau wil werken.
Wat kun je op B2 tot en met C2?
Op B2 begrijp je ook ingewikkelde teksten, zoals een vakartikel of een contract, en voer je een gesprek met moedertaalsprekers zonder dat een van beiden zich hoeft in te spannen. Het is het niveau van Staatsexamen Nt2 Programma II, het diploma waarmee je naar het hbo of de universiteit kunt. Op C1 begrijp je lange teksten en wat er tussen de regels staat, en zoek je zelden naar woorden. C2 is het hoogste niveau: je gebruikt de taal moeiteloos, ook in nuances. Voor C1 en C2 bestaat in Nederland geen landelijk examen. Wie zo’n niveau wil aantonen, doet dat met een certificaat van een universitair talencentrum.
Het Nederlandse onderwijs en het Europees referentiekader
Voor leerlingen met Nederlands als moedertaal gebruikt het onderwijs geen ERK, maar het referentiekader taal en rekenen. Dat kader is wettelijk vastgelegd en beschrijft wat een leerling op vier momenten in de schoolloopbaan moet kunnen: de fundamentele niveaus 1F tot en met 4F. Volgens de Rijksoverheid hoort 1F bij het eind van de basisschool en 2F bij het eind van vmbo en mbo 1 tot en met 3. Daarna volgt 3F bij havo en mbo 4, en 4F bij het vwo.
Naast elk fundamenteel niveau staat een streefniveau voor leerlingen die meer aankunnen. Voor taal aan het eind van de basisschool is dat streefniveau 2F. Bij boeken beschrijft het kader ook hoe je leest, van belevend op 1F tot interpreterend op 4F, en dat laat je zien in een boekverslag. Bij spreken vraagt niveau 1F een kort, voorbereid verhaal, zoals een spreekbeurt op school.
De doorstroomtoets in groep 8
In groep 8 wordt dat gemeten met de doorstroomtoets, die sinds schooljaar 2023-2024 de eindtoets vervangt. De uitslag laat zien of een leerling 1F beheerst, en liefst ook 2F. De Inspectie van het Onderwijs, de toezichthouder op scholen, verwacht van elke basisschool dat minstens 85 procent van de leerlingen 1F haalt. Voor 2F ligt de lat per school anders, tussen ongeveer 30 en 68 procent, afhankelijk van de achtergrond van de leerlingen. Blijft een school daaronder, dan kijkt de inspectie mee.
F-niveaus naast ERK-niveaus
Een officiële omrekentabel tussen F-niveaus en ERK-niveaus bestaat niet. De twee kaders meten iets anders: het ERK volgt iemand die een taal leert, het referentiekader volgt een leerling die zijn moedertaal steeds beter gebruikt. Toch wordt de vergelijking in het onderwijs veel gemaakt, en als vuistregel klopt ze: 2F ligt in de buurt van B1, 3F van B2 en 4F van C1. Onderaan loopt het niet gelijk. A2 zit lager dan 1F, ongeveer op het niveau van een kind eind groep 6. En voor C2 heeft het Nederlandse onderwijs geen tegenhanger; de reeks stopt bij 4F.
Welk taalniveau heb je waarvoor nodig?
In de tabel hieronder zie je per doel welk niveau de instantie eist die erover gaat, en met welk examen of certificaat je dat aantoont.
| Doel | Vereist niveau | Hoe je het aantoont |
|---|---|---|
| Inburgeren via de B1-route (Wet inburgering 2021) | B1; na minimaal 600 uur les mag je onderdelen op A2 doen | Inburgeringsexamen bij DUO |
| Inburgeren via de onderwijsroute | B1 of B2 | Staatsexamen Nt2 Programma I of II |
| Mbo-opleiding doen of werken op mbo 3- of mbo 4-niveau | B1 | Staatsexamen Nt2 Programma I |
| Hbo- of universitaire studie in het Nederlands | B2 | Staatsexamen Nt2 Programma II |
| Zorgberoep met een buitenlands diploma (BIG-registratie) | B1 bij een mbo-beroep, B2 bij een hbo-beroep, B2+ bij een universitair beroep | Taalcertificaat uit de lijst van het BIG-register |
Twee dingen vallen op. De lat voor inburgering ging in 2022 omhoog van A2 naar B1, maar met een uitweg: wie na 600 uur les aantoonbaar niet verder komt, mag examen doen op A2. En voor studeren geldt niet C1 of C2, maar B2. De koppeling van C2 aan een afgeronde hbo- of universitaire opleiding, die je op veel websites tegenkomt, staat nergens in een officiële regel.
Zorgverleners met een buitenlands diploma
Tot 2024 moest een arts of verpleegkundige met een buitenlands diploma de AKV-toets doen, een toets van algemene kennis en vaardigheden met een taalonderdeel. Die toets is per 1 januari 2024 uit de procedure gehaald, zo meldde het BIG-register. In plaats daarvan lever je een taalcertificaat in. De eis hangt af van het opleidingsniveau van het beroep. Een mbo-beroep zoals verzorgende vraagt B1, een hbo-beroep zoals fysiotherapeut B2, en een universitair beroep zoals arts, tandarts of apotheker B2+. B2+ zit tussen B2 en C1 in. Daarnaast vraagt het register voor bijna alle beroepen een bewijs dat je Engels kunt lezen, omdat vakliteratuur vaak in het Engels is.
Laaggeletterdheid begint onder 2F
Wie na school onder 2F blijft, geldt als laaggeletterd. Dat is de maat van Stichting Lezen en Schrijven, de landelijke organisatie die laaggeletterdheid bestrijdt. Je hebt dan moeite met lezen, schrijven of rekenen op het niveau dat aan het eind van het vmbo wordt gevraagd. Het gaat niet om mensen die niet kunnen lezen. Het gaat om mensen voor wie een brief van de gemeente, een bijsluiter of een veiligheidsinstructie op het werk te moeilijk is.
Hoeveel mensen dat zijn, meet PIAAC, een internationaal onderzoek van de OESO, de samenwerkingsorganisatie van rijke landen. De Nederlandse uitkomst van de meting van 2023 is uitgewerkt door het Kohnstamm Instituut van de Universiteit van Amsterdam. Daaruit blijkt dat 15,9 procent van de 16- tot 65-jarigen een laag taalniveau heeft, ongeveer 1 op de 6 volwassenen. Stichting Lezen en Schrijven komt zo op 3 miljoen laaggeletterden van 16 tot en met 75 jaar. Van hen werkt 57 procent, en van de 16- tot 65-jarigen in die groep heeft 44 procent Nederlands als moedertaal. Internationaal staat Nederland hoog: alleen Japan, Finland en Zweden hebben een kleiner aandeel volwassenen met een lage taalvaardigheid. Ook voor medelanders die Nederlands als tweede taal leren is goed leren lezen en schrijven een flinke opgave.
Meer over de Nederlandse taal
Dit artikel is een deel van onze reeks over de Nederlandse taal, in de categorie Maatschappelijk. De andere delen:
- Waar komt de Nederlandse taal vandaan?
- De officiële taalniveaus in Nederland (deze pagina)
- Hoe taalvaardig is Nederland?
- Veelgemaakte fouten in de Nederlandse taal
- De d’s en de t’s, waar komen ze vandaan?
- Wat zijn koppelwoorden en waarom zou je ze gebruiken?
- Handige ezelsbruggetjes in de Nederlandse taal
- Het belang van goede teksten
- De rol van tekst op social media
- Waarom SEO belangrijk is
- Op zoek naar synoniemen
- Medelanders en het Nederlands
Veelgestelde vragen over taalniveaus
Wat is het verschil tussen B1 en B2?
Op B1 red je je zelfstandig in bekende situaties en begrijp je de hoofdlijn van een duidelijke tekst. Op B2 kun je ook ingewikkelde teksten en gesprekken over je vak aan, en praat je met moedertaalsprekers zonder dat het een van beiden moeite kost. Voor inburgering volstaat B1; voor een hbo- of universitaire studie in het Nederlands vraagt DUO B2.
Is B1 beter dan A2?
B1 is een trede hoger dan A2. Met A2 red je je bij boodschappen en korte gesprekken; met B1 werk je zelfstandig en volg je een gesprek over een vertrouwd onderwerp. Sinds 2022 is B1 de norm voor het inburgeringsexamen. A2 is alleen nog het terugvalniveau voor wie na minimaal 600 uur les niet verder komt.
Wat is 4F-niveau Nederlands?
4F is het hoogste fundamentele niveau in het Nederlandse onderwijs en hoort bij het eind van het vwo. Je begrijpt dan ingewikkelde teksten en schrijft goed opgebouwde stukken over lastige onderwerpen. Wie op dit niveau een betoog schrijft, werkt zijn standpunten vrij uitvoerig uit. Als vuistregel ligt 4F in de buurt van C1 van het Europees Referentiekader.
Welk taalniveau heb je nodig voor het hbo?
Heb je Nederlands als tweede taal, dan vraagt een hogeschool of universiteit het diploma Staatsexamen Nt2 Programma II, dat staat voor B2. Voor leerlingen uit het Nederlandse onderwijs is er geen apart taalexamen: het havo-diploma of het mbo 4-diploma, met taalniveau 3F, geeft toegang.
Hoeveel niveaus kent het Europees Referentiekader?
Zes: A1, A2, B1, B2, C1 en C2. A staat voor basisgebruiker, B voor onafhankelijke gebruiker en C voor vaardige gebruiker; het cijfer geeft de lagere of hogere trede binnen die letter aan. Het kader komt van de Raad van Europa en geldt voor alle Europese talen.
Hoe we dit artikel hebben gemaakt
Eerste publicatie op , laatst bijgewerkt op . Onze redactie heeft dit artikel gecontroleerd op feiten, cijfers en bronnen.
Zie je een fout, of mis je iets? Laat het ons weten, dan zoeken we het uit en passen we het artikel aan. Zo werkt onze redactie.
Bronnen
- DUO, Leerroutes onder de Wet inburgering 2021 en Wat is het staatsexamen Nt2?: de B1-route, de onderwijsroute en de Z-route, het afschalen naar A2 na minimaal 600 uur cursus, en Programma I (B1) voor mbo en Programma II (B2) voor hbo en universiteit, met de vier examenonderdelen.
- Rijksoverheid, Referentieniveaus taal en rekenen. De F-niveaus per onderwijstype en het verschil tussen fundamenteel niveau en streefniveau.
- Inspectie van het Onderwijs, Toetsen in het basisonderwijs en Beoordeling leerresultaten primair onderwijs 2025-2026: de doorstroomtoets die sinds schooljaar 2023-2024 de eindtoets vervangt, de signaleringswaarde van 85 procent voor 1F en de waarden voor 2F per schoolweging.
- BIG-register, Nederlandse en Engelse taalvaardigheid en AKV-toets wordt vervangen door taalcertificaten (29 augustus 2023): B1, B2 en B2+ per opleidingsniveau, de lijst met geaccepteerde certificaten en het vervallen van de AKV-toets per 1 januari 2024.
- Kohnstamm Instituut, PIAAC 2023: Kernvaardigheden van volwassenen (rapport 1143, 2024). De 15,9 procent met een lage taalvaardigheid en de plaats van Nederland tussen de andere landen.
- Stichting Lezen en Schrijven, Kennisblad Laaggeletterdheid in Nederland (2025). De 3 miljoen laaggeletterden, de 57 procent die werkt en de 44 procent met Nederlands als moedertaal.
- SLO, Het ERK. De zes niveaus, de Raad van Europa (2001) en de vernieuwde versie van 2020.
Geschreven door
Team Kennisdomein is de redactie van Kennisdomein. We maken onderwerpen die ingewikkeld lijken begrijpelijk voor iedereen, in gewone taal.
Van onze partners
Frans leren als volwassene: zo houd je het leuk én effectiefFrans leren voelt voor veel volwassenen als iets wat je “ook nog eens” zou willen doen.Verder lezen in Maatschappelijk
Straattaal: woorden, betekenis en waar ze vandaan komenStraattaal is Nederlands met woorden uit het Surinaams, Arabisch en Engels. Lees wat de woorden betekenen en waar ze vandaan komen.
Taalniveau B1 uitgelegd en wat er klopt van de 80 procentTaalniveau B1 is het derde van zes Europese taalniveaus. Lees wat je dan kunt, waar het een eis is en wat er klopt van de 80 procent.
De of het? Twee vaste regels en de vuistregelsKies je de of het? Twee regels gaan altijd op: een verkleinwoord krijgt het, een meervoud de. De rest zijn vuistregels.
Meervoud op -en of -s? De klemtoon beslist meestalHet meervoud is de vorm voor meer dan één: boeken, tafels. Meestal krijgt een woord -en, soms -s. Wat beslist dat, en wat wijkt af?