Naar de inhoud

Uitleg over hoe iets werkt, in gewone taal.

Maatschappelijk

Wat is de Driehoek? Wie erin zitten en wat ze doen

De Driehoek is het overleg tussen burgemeester, politiechef en officier van justitie over de openbare orde in een gemeente.

Bijgewerkt op 10 minuten lezen
De burgemeester politiechef en officier van justitie

Je hoort het regelmatig op het nieuws: de Driehoek is bijeen geweest. Vaak is dat het geval als er een grote demonstratie wordt verwacht of als er iets ernstigs is gebeurd. Maar wat is de Driehoek precies? Wie zitten erin, waar staat dat in de wet, en hoe vaak komen ze bij elkaar? In dit artikel vertellen we je er meer over. Bij een blokkade van een klimaatbeweging is het bijvoorbeeld de Driehoek die bepaalt of en wanneer de politie ingrijpt.

Waar de Driehoek over gaat

De Driehoek is het vaste overleg over de openbare orde en veiligheid in een gemeente. Er zitten drie partijen aan tafel en samen stemmen zij af hoe de politie wordt ingezet. Ze maken afspraken over demonstraties, voetbalwedstrijden en evenementen, en over de aanpak van criminaliteit en overlast in de gemeente als geheel.

Eén misverstand meteen uit de weg: de Driehoek is een overlegorgaan en geen bestuursorgaan. Het overleg heeft zelf geen bevoegdheden. Wat er wordt afgesproken, wordt daarna uitgevoerd door de burgemeester of door de officier van justitie, elk op zijn eigen wettelijke grondslag.

Wie zitten er in de Driehoek

De Politiewet noemt drie deelnemers: de burgemeester, de officier van justitie en het hoofd van het territoriale onderdeel van de regionale eenheid. Dat laatste is in de praktijk de chef van het basisteam of het district. De politiechef van de regionale eenheid schuift volgens de wet alleen aan wanneer dat nodig is.

Dat is preciezer dan de gangbare omschrijving, en het verklaart een veelgemaakte fout. Er bestaat geen politiechef per gemeente: Nederland telt tien politiechefs, één per regionale eenheid. Ook een officier van justitie hoort niet bij een gemeente, maar bij een arrondissementsparket. Waar het Openbaar Ministerie staat tussen de regering en de rechter, lees je in ons artikel over de trias politica.

Wie het overleg voorzit

De burgemeester zit het lokale overleg vrijwel altijd voor, maar ook dat is nergens wettelijk vastgelegd. Hij of zij is belast met de handhaving van de openbare orde en heeft in die rol het gezag over de politie. De officier van justitie brengt de strafrechtelijke kant in: opsporing, vervolging en de vraag welke aanpak juridisch houdbaar is. Het politiehoofd vertegenwoordigt de uitvoering en adviseert over capaciteit en haalbaarheid.

WieWaarover gezagWettelijke grondslag
BurgemeesterPolitieoptreden bij handhaving van de openbare orde en bij hulpverleningPolitiewet 2012, artikel 11; Gemeentewet, artikel 172
Officier van justitiePolitieoptreden bij strafrechtelijke handhaving en taken ten dienste van de justitiePolitiewet 2012, artikel 12
Hoofd territoriaal onderdeel of politiechefGeen gezag; draagt de operationele leiding en adviseert over capaciteitPolitiewet 2012, artikel 13, eerste lid
GemeenteraadGeen gezag over de politie; stelt de lokale veiligheidsdoelen vast en controleert de burgemeesterPolitiewet 2012, artikelen 38b en 15
Bron: Politiewet 2012 en Gemeentewet via wetten.overheid.nl.

Soms schuift er iemand aan, bijvoorbeeld van de brandweer of van de gemeentelijke afdeling veiligheid. In één geval is dat verplicht: treedt de Koninklijke marechaussee op onder gezag van de burgemeester of de officier van justitie, dan neemt de commandant van de marechaussee deel aan het overleg.

De wettelijke basis van de Driehoek

De Driehoek is niet vrijblijvend, maar wettelijk geregeld. In de Politiewet 2012 staat wie welk gezag heeft over de politie en hoe het overleg werkt.

  • Artikel 11: bij handhaving van de openbare orde en bij de hulpverleningstaak staat de politie onder gezag van de burgemeester. Dit sluit aan op artikel 172 van de Gemeentewet, dat de burgemeester met de handhaving van de openbare orde belast.
  • Artikel 12: bij strafrechtelijke handhaving en bij taken ten dienste van de justitie staat de politie onder gezag van de officier van justitie.
  • Artikel 13, eerste lid: de burgemeester en de officier van justitie overleggen regelmatig met het hoofd van het territoriale onderdeel, en zo nodig met de politiechef, over de taakuitvoering van de politie. Dat overleg is de Driehoek.
  • Artikel 13, derde lid: op verzoek van de burgemeester vindt het driehoeksoverleg plaats op gemeentelijk niveau. Het lokale overleg is dus geen automatisme, maar komt er omdat de burgemeester erom vraagt.
  • Artikel 13, vierde lid: in het driehoeksoverleg maken de burgemeester en de officier van justitie afspraken over lokale prioriteiten en criminaliteitsbestrijding.
  • Artikel 41: de regioburgemeester en de hoofdofficier van justitie overleggen regelmatig met de politiechef van een regionale eenheid. Dat is de wettelijke basis van de regionale driehoek.

Er is nog een bepaling die zelden wordt genoemd maar concreet doorwerkt. De Gemeentewet regelt ook het cameratoezicht op openbare plaatsen. Daarin staat dat de burgemeester de periode van dat toezicht vaststelt na overleg met de officier van justitie, in precies dit overleg. Een besluit over camera’s loopt dus letterlijk via de Driehoek.

Lokale driehoek of regionale driehoek?

Er zijn twee soorten driehoeken en ze staan in twee verschillende wetsartikelen. De lokale driehoek gaat over één gemeente en berust op artikel 13 van de Politiewet 2012. De regionale driehoek berust op artikel 41 en bestaat uit de regioburgemeester, de hoofdofficier van justitie en de politiechef van de regionale eenheid. Daar worden de grote lijnen bepaald, waaronder het regionale beleidsplan.

Die schaalverdeling verklaart ook de cijfers erachter. Nederland telde op 1 januari 2026 342 gemeenten, terwijl de politie is verdeeld in tien regionale eenheden, 43 districten en 166 basisteams. Eén politiehoofd zit dus in de praktijk met meerdere burgemeesters om tafel.

Wanneer komt de Driehoek bij elkaar

De wet schrijft geen frequentie voor. Artikel 13 en artikel 41 van de Politiewet 2012 zeggen alleen dat er regelmatig wordt overlegd; gemeenten bepalen het ritme zelf. In de praktijk zit daar veel variatie in, van maandelijks tot eens per zes tot acht weken. Tijdens zo’n regulier overleg komen de veiligheid in het algemeen, knelpunten in bepaalde wijken en aanstaande evenementen aan bod.

Daarnaast komt de Driehoek ad hoc bijeen: bij een aangekondigde demonstratie, bij een groot evenement of bij een acute dreiging. In het spraakgebruik heet dat soms een crisisdriehoek, maar dat is geen wettelijke term.

Bij een ramp of een crisis is de Driehoek trouwens niet het gremium dat het overneemt. Dan treedt de crisisstructuur van de Wet veiligheidsregio’s in werking, met een eigen opschalingslijn. Gaat het om een ramp die meer dan één gemeente raakt, dan verschuift het gezag naar de voorzitter van de veiligheidsregio. Bij demonstraties ligt de bevoegdheid juist bij de burgemeester alleen, op grond van de Wet openbare manifestaties.

De taken van de Driehoek

Elk van de drie deelnemers brengt een eigen rol mee naar de tafel.

  • De burgemeester besluit over demonstraties, evenementen en de inzet van politie bij ordehandhaving, en kan zo nodig noodmaatregelen nemen.
  • Het politiehoofd zorgt voor de uitvoering: agenten bij evenementen, demonstraties en noodgevallen, en advies over wat er met de beschikbare capaciteit haalbaar is.
  • De officier van justitie bewaakt de strafrechtelijke kant: opsporing van misdrijven, vervolging van overtreders en de vraag welke maatregel juridisch standhoudt.

Wat zij samen doen is afspraken maken over de inzet van politiecapaciteit en over de lokale prioriteiten. Die afspraken worden mede gemaakt op basis van de veiligheidsdoelen die de gemeenteraad heeft vastgesteld.

Welke bevoegdheden heeft de burgemeester?

Omdat de Driehoek zelf niets kan besluiten, is het nuttig te weten wat de burgemeester wel in handen heeft. Dit zijn de instrumenten die in de praktijk het vaakst langskomen.

BevoegdheidArtikelWaarvoor bedoeld
Handhaving van de openbare ordeGemeentewet, artikel 172, eerste en tweede lidDe algemene grondslag voor de ordetaak
Lichte bevelsbevoegdheidGemeentewet, artikel 172, derde lidLosse bevelen bij ordeverstoring of ernstige vrees daarvoor; het meest gebruikte instrument
Gebiedsverbod, groepsverbod of meldingsplichtGemeentewet, artikel 172aTegen personen die herhaaldelijk of ernstig de orde verstoorden
Sluiting van een woning of niet-publiek lokaalGemeentewet, artikel 174aBij ernstige ordeverstoring, bij ernstig geweld of dreiging daarmee, of bij het aantreffen van een wapen
Sluiting van een drugspandOpiumwet, artikel 13bBij handel in of aanwezigheid van drugs in een woning, lokaal of op het erf
NoodbevelGemeentewet, artikel 175Bij oproer, ernstige wanordelijkheden of een ramp, of ernstige vrees daarvoor
NoodverordeningGemeentewet, artikel 176Algemeen verbindende voorschriften in diezelfde situatie; de raad moet die in de eerstvolgende vergadering bekrachtigen
Cameratoezicht op openbare plaatsenGemeentewet, artikel 151cDe periode wordt vastgesteld na overleg met de officier van justitie in de Driehoek
Bron: Gemeentewet en Opiumwet via wetten.overheid.nl, geraadpleegd 31 augustus 2026.

Wie controleert de Driehoek?

Een overleg achter gesloten deuren roept de vraag op wie erop toeziet. Dat is de gemeenteraad, en dat gebeurt op twee manieren. De raad stelt ten minste eens in de vier jaar de doelen vast die de gemeente op het gebied van veiligheid nastreeft, en de driehoeksafspraken worden mede op basis van die doelen gemaakt.

Daarnaast is de burgemeester aan de gemeenteraad verantwoording schuldig over het gezag dat hij uitoefent. De raad kan dus niet meebeslissen over de politie-inzet, maar wel achteraf vragen stellen over hoe die inzet is gegaan. Op regionaal niveau ligt er een vergelijkbare koppeling via het regionale beleidsplan.

Waarom de Driehoek belangrijk is

De Driehoek zorgt ervoor dat besluiten over veiligheid niet door één persoon worden genomen, maar worden afgestemd met partijen die er vanuit hun eigen rol verstand van hebben. Zo worden alle belangen meegewogen: die van de inwoners, van de veiligheid en van de rechtspraak.

Een voorbeeld: bij een demonstratie kijkt de Driehoek naar het recht om te demonstreren, naar de veiligheid van deelnemers en omstanders, en naar wat de politie op dat moment aankan. Het besluit dat daaruit volgt neemt de burgemeester, maar dan wel met de strafrechtelijke en de operationele kant al meegewogen.

Veelgestelde vragen over de Driehoek

Heeft de Driehoek eigen bevoegdheden?

Nee. De Driehoek is een overleg, geen bestuursorgaan. Artikel 13 van de Politiewet 2012 geeft het overleg geen eigen bevoegdheden. De burgemeester en de officier van justitie besluiten daarna elk afzonderlijk, ieder binnen het eigen gezagsdomein.

Wat is een veiligheidsdriehoek?

Veiligheidsdriehoek is spreektaal voor de lokale driehoek: het overleg tussen burgemeester, officier van justitie en politie over de openbare orde en veiligheid in een gemeente. De term komt in de wet niet voor; die spreekt van driehoeksoverleg.

Hoe vaak komt de Driehoek bij elkaar?

Dat verschilt per gemeente. De wet noemt alleen dat er regelmatig wordt overlegd en schrijft geen frequentie voor. In de praktijk varieert dat van maandelijks tot eens per zes tot acht weken, met daarnaast extra overleg bij een demonstratie, een groot evenement of een acute dreiging.

Wie is de voorzitter van de Driehoek?

In de praktijk vrijwel altijd de burgemeester, maar dat is nergens wettelijk vastgelegd. Artikel 13 van de Politiewet 2012 wijst geen voorzitter aan. Het lokale overleg vindt bovendien plaats op verzoek van de burgemeester, wat die rol vanzelf logisch maakt.

Wat is het verschil tussen de lokale en de regionale driehoek?

De lokale driehoek gaat over één gemeente en staat in artikel 13 van de Politiewet 2012. De regionale driehoek staat in artikel 41 en bestaat uit de regioburgemeester, de hoofdofficier van justitie en de politiechef van de regionale eenheid. Daar worden de grote lijnen bepaald, waaronder het regionale beleidsplan.

Wat mag de burgemeester zelf beslissen bij ordeverstoring?

De burgemeester kan bevelen geven bij verstoring van de openbare orde of ernstige vrees daarvoor, op grond van artikel 172, derde lid, van de Gemeentewet. Bij oproer, ernstige wanordelijkheden of een ramp kan hij een noodbevel geven of een noodverordening vaststellen. Verder kan hij een gebiedsverbod opleggen, een woning sluiten of een drugspand sluiten op grond van de Opiumwet.

Deel dit artikel

Hoe we dit artikel hebben gemaakt

Eerste publicatie op , laatst bijgewerkt op . Onze redactie heeft dit artikel gecontroleerd op feiten, cijfers en bronnen.

Zie je een fout, of mis je iets? Laat het ons weten, dan zoeken we het uit en passen we het artikel aan. Zo werkt onze redactie.

Bronnen

Team Kennisdomein

Geschreven door

Team Kennisdomein

Team Kennisdomein is de redactie van Kennisdomein. We maken onderwerpen die ingewikkeld lijken begrijpelijk voor iedereen, in gewone taal.

Schrijft over Maatschappelijk, Wereld, Ondernemen en Producten.

Verder lezen in Maatschappelijk

Alle artikelen in Maatschappelijk