Naar de inhoud

Uitleg over hoe iets werkt, in gewone taal.

Maatschappelijk

Griepprik 2026 komt later, maar niet voor iedereen

De griepprik beschermt tegen de griepvirussen van dit seizoen. Dit najaar komt hij later. Lees wat dat voor jou betekent.

Gepubliceerd op 12 minuten lezen
Oudere vrouw leest aan haar keukentafel de uitnodigingsbrief voor de griepprik

Alleen huisartsenpraktijken die hun grote levering vóór 13 oktober 2026 zouden krijgen, merken iets van de vertraging. Zij hebben hun vaccins uiterlijk 30 oktober binnen. Dat meldt de Stichting Nationaal Programma Grieppreventie, de organisatie die de griepvaccins voor alle huisartsen bestelt en verdeelt. Praktijken die later aan de beurt waren, prikken op hun gewone datum. Normaal prikt de huisarts in oktober en november, schrijft het RIVM, het instituut van de overheid voor volksgezondheid. Krijg jij een brief met een latere datum dan je gewend bent, dan weet je nu waarom.

Waarom de levering dit jaar later komt

Er zijn drie oorzaken, en ze hebben alle drie met de productie te maken. De Wereldgezondheidsorganisatie adviseerde voor dit seizoen drie wijzigingen in de griepvirussen waartegen het vaccin moet beschermen. Daardoor kwam het basismateriaal voor de B-lijn later beschikbaar. En de testvloeistoffen waarmee een fabrikant een partij vaccins mag vrijgeven, kwamen eveneens later.

Dit is een logistiek probleem en geen kwaliteitsprobleem. Er is niets mis met het vaccin. De samenstelling is aangepast aan de griepvirussen die het afgelopen jaar wereldwijd rondgingen. Hoe goed die bij de virussen van dit seizoen past, is pas achteraf te meten.

Praktijken die moeten wachten, krijgen alvast een voorlevering van 10 procent van hun bestelling. Daarmee kunnen zij de mensen prikken die er het meest aan toe zijn. Nabestellen kan dit jaar pas eind november, en praktijken mogen hun bestelling alleen naar beneden bijstellen. Wie zijn afspraak mist, kan dus niet altijd meteen een nieuwe krijgen.

Voor wie de prik is bedoeld

De grens ligt bij 60 jaar, maar net iets anders dan je zou denken. De regel is dat je vóór 1 mei van het volgende jaar 60 wordt. In 2026 gaat het dus om iedereen die geboren is vóór 1 mei 1967. Word je in maart 2027 pas 60, dan krijg je dit najaar al een uitnodiging.

Daarnaast gaat de uitnodiging naar mensen met bepaalde aandoeningen, ongeacht hun leeftijd. De lijst is langer dan de meeste mensen denken. Er staan onder meer hart- en longaandoeningen op, diabetes, nieraandoeningen, een verminderde afweer en zeer ernstig overgewicht met een BMI van 40 of hoger. Ook neurologische aandoeningen als Parkinson en epilepsie tellen mee, net als dementie, een verstandelijke beperking en een cochleair implantaat. Ook alle bewoners van een verpleeghuis horen erbij. De volledige lijst staat bij het RIVM.

De uitnodiging komt van je huisarts, of van de arts van de instelling waar je woont. Die brief komt in oktober of november. Reken er niet blind op dat hij vanzelf komt. Hoor je bij de groep en heb je niets gekregen, neem dan zelf contact op met je huisarts.

Zwangere vrouwen gaan naar het consultatiebureau

Wie tussen 15 oktober en 1 maart 22 weken of langer zwanger is, hoort bij de doelgroep. De prik haal je dan niet bij de huisarts maar bij het consultatiebureau. Dat is een route die de meeste voorlichting over de griepprik niet noemt.

Wie er precies bij hoort, beslist het ministerie van Volksgezondheid. Het volgt daarbij het advies van de Gezondheidsraad, het orgaan dat de regering wetenschappelijk adviseert over gezondheid. Daardoor kan de groep soms veranderen.

Nieuw zijn mensen die met dieren werken

Op verzoek van het ministerie van Volksgezondheid is de doelgroep dit jaar uitgebreid met beroepen die een hoger risico op vogelgriep lopen. Het gaat om mensen in de pluimvee- en varkenshouderij, dierenartsen en hun assistenten, medewerkers van kinderboerderijen, en mensen die met wilde vogels of zoogdieren in aanraking komen, zoals jagers en groenbeheerders. Zij krijgen geen uitnodiging, maar mogen zich zelf bij de huisarts melden.

Tegen welke virussen de prik beschermt

Hier zit de grootste fout op het Nederlandse internet. Talloze pagina’s schrijven nog dat het vaccin tegen vier griepvirussen beschermt. Nederland gebruikt een vaccin tegen drie virussen: twee A-virussen en één B-virus. Het vierde onderdeel, de B-Yamagata-lijn, zit er niet meer in. In het griepseizoen 2025 en 2026 vond het RIVM dat virus in Nederland niet, en volgens de Wereldgezondheidsorganisatie ook wereldwijd niet.

Tegen andere winterinfecties doet de prik niets. Verkoudheid, het coronavirus, het RS-virus en buikgriep worden door heel andere virussen veroorzaakt. Tegen buikgriep door het norovirus bestaat helemaal geen prik. Het RIVM zegt er zelf bij dat veel van die virussen klachten geven die op griep lijken. Ziek worden na de prik betekent dus niet dat de prik niet werkte.

Hoe groot de bescherming werkelijk is

Het getal dat overal terugkomt is 40 procent. Daar zitten twee problemen aan. Het eerste: het is een gemiddelde over tien jaar en geen cijfer over dit seizoen. Hoe goed de prik in één seizoen werkt, meet een Europees onderzoek waaraan het RIVM samen met onderzoeksinstituut Nivel gegevens levert. Over het seizoen 2025 en 2026 was de tussentijdse schatting 34 procent bescherming tegen het ene A-virus en 38 procent tegen het andere. Die schatting geldt voor mensen die met griepklachten bij de huisarts kwamen. Bij dat tweede cijfer was de marge zo breed dat het statistisch niets zegt, en de definitieve cijfers komen later.

Het tweede probleem is dat twee pagina’s van het RIVM zelf elkaar tegenspreken. De ene zegt ongeveer 40 procent minder kans op griep en ruim 40 procent minder kans op een ziekenhuisopname; de andere zegt het omgekeerde. Geen van beide noemt een onderzoek bij naam of een seizoen. Reken dus met ongeveer 40 procent voor allebei, en niet met een preciezer getal dan de bron zelf geeft.

Wat die percentages betekenen als je ze omrekent

Een percentage zegt weinig zolang je niet weet hoe groot de kans om te beginnen was. Cochrane, een internationaal samenwerkingsverband van onderzoekers dat medisch bewijs op een rij zet, heeft dat uitgerekend voor mensen van 65 jaar en ouder. Die groep valt helemaal binnen de leeftijdsgrens van de griepprik. In de tabel hieronder zie je hoeveel ouderen in één seizoen ziek werden, met en zonder vaccin. De laatste kolom zegt hoeveel mensen je moet prikken om één geval te voorkomen.

Ziek doorZonder vaccinMet vaccinPrikken voor één geval minder
Griep6 procent2,4 procent30
Griepachtige klachten6 procent3,5 procent42
Bron: Cochrane, overzichtsstudie over griepvaccinatie bij mensen van 65 jaar en ouder uit 2018. Het bewijs voor griep is van lage zekerheid.

Zo gelezen valt het effect per persoon tegen. Van elke dertig ouderen die de prik halen, blijft er in dat seizoen één van griep gespaard die hem anders had gekregen. Cochrane noemt het bewijs voor de rij griep bovendien zwak, onder meer omdat niet altijd duidelijk is hoe de griep werd vastgesteld. Voor griepachtige klachten is het bewijs redelijk. De acht onderzoeken zijn gedaan tussen 1965 en 2000. Het verschil tussen de twee rijen zegt ook iets. Griepachtige klachten komen vaak van andere virussen, en daar helpt de prik niet tegen. Toch is dat geen reden om de prik af te doen als zinloos. Wie geprikt is, is volgens het RIVM minder besmettelijk en beschermt zo ook de mensen om zich heen.

Heeft prikken in november of december nog zin

Dit is de vraag van dit seizoen, en het RIVM beantwoordt hem gelukkig gewoon. Griep komt volgens het instituut meestal tussen december en april voor, en daarom heeft ook prikken in december of later nog zin. Overleg het wel met je huisarts. Je lichaam heeft daarna ongeveer twee weken nodig om voldoende afweerstoffen te maken, en de bescherming houdt zo’n zes maanden aan.

Daarnaast weten we wanneer de griep de afgelopen jaren kwam. De epidemie van 2025 en 2026 liep van eind januari tot begin maart en duurde zes weken. Die van het jaar ervoor begon half januari en duurde negen weken. Wie eind oktober of in november geprikt wordt, is daar ruim op tijd voor. Onze inschatting is dan ook dat de vertraging vervelend is, maar geen reden om de prik over te slaan of om ongerust te worden. Wie eind oktober aan de beurt is, zit nog altijd twee maanden vóór de piek van de afgelopen twee seizoenen.

Drie prikken in hetzelfde najaar

Veel mensen krijgen dit najaar meer dan één uitnodiging, en die lopen via verschillende wegen. De tabel hieronder zet op een rij welke prik voor wie is, waar je hem haalt en wanneer.

PrikVoor wieWaarWanneer
GriepprikGeboren vóór 1 mei 1967, of een medische indicatieHuisartsOktober en november, dit jaar deels later
Coronaprik70 jaar en ouder, medische hoogrisicogroepen, 50 tot en met 69 jaar met een indicatie en zorgmedewerkersGGD21 september tot en met 27 november 2026
PneumokokkenprikGeboren in 1966 of tussen 1948 en 1952HuisartsBij dezelfde ronde als de griepprik
Bron: RIVM en het Nederlands Huisartsen Genootschap, stand september 2026.

De coronaprik haal je bij de GGD. Mensen van 70 jaar en ouder krijgen daarvoor een brief. Mensen van 50 tot en met 69 jaar moeten zich zelf aanmelden; voor hen komt die uitnodiging niet vanzelf.

Wat de griepprik kost

Hoor je bij de doelgroep, dan betaal je niets. Het ministerie van Volksgezondheid betaalt de prik voor deze groep. Je eigen risico raakt het ook niet, want het programma loopt buiten de zorgverzekering om. Dat staat nergens met zoveel woorden over de griepprik zelf; het volgt uit de manier waarop je zorgverzekering en het vaccinatieprogramma zijn ingericht.

Hoor je er niet bij en wil je de prik toch, dan kun je erom vragen bij je huisarts of via de eerstelijnszorg. Je betaalt hem dan in principe zelf, al vergoedt een zorgverzekering hem soms; vraag dat na bij je verzekeraar. Een bedrag noemen we hier niet: de enige partijen die dat publiceren zijn apotheken, verzekeraars en vergelijkingssites, en geen enkele overheidsbron geeft een prijs.

Wat je na de prik kunt merken

Bijwerkingen komen volgens het RIVM weinig voor en zijn meestal mild. Op de eerste dag kun je wat pijn, roodheid of een lichte zwelling hebben op de plek van de prik in je bovenarm. Sommige mensen voelen zich niet lekker of hebben hoofdpijn of spierpijn. Ook koorts komt voor. In de onderzoeken bij ouderen die Cochrane op een rij zette, had 2,5 procent van de geprikte mensen koorts. Na een prik zonder vaccin was dat 1,6 procent. Of dat verschil echt door de prik komt, konden de onderzoekers niet met zekerheid zeggen. De meeste klachten zijn binnen twee dagen vanzelf over. Maak je je zorgen, neem dan contact op met je huisarts.

Van de prik zelf kun je geen griep krijgen. Het vaccin bevat geen levend virus. Word je in dezelfde week toch ziek, dan had je de besmetting waarschijnlijk al te pakken, of het gaat om een ander virus. Dat verschil is lastig te voelen en levert elk jaar hetzelfde misverstand op.

Veelgestelde vragen over de griepprik

Is er iets mis met het vaccin nu het langer duurt?

Nee. De vertraging komt doordat de samenstelling voor dit seizoen op drie punten is gewijzigd en het basismateriaal en de testvloeistoffen daardoor later klaar waren. Dat is een productieketenprobleem. Aan de veiligheid of de werking verandert het niets.

Ik word pas volgend voorjaar 60. Krijg ik nu al een uitnodiging?

Als je vóór 1 mei 2027 60 wordt, hoor je dit najaar bij de doelgroep. In de praktijk gaat het om iedereen die geboren is vóór 1 mei 1967. Word je later in 2027 pas 60, dan komt de uitnodiging volgend jaar.

Kan ik de griepprik en de coronaprik op dezelfde dag halen?

De twee prikken lopen via verschillende routes: de griepprik zet je huisarts, de coronaprik haal je bij de GGD. Praktisch betekent dat twee afspraken op twee plekken, en soms twee verschillende weken. Wil je ze zo dicht mogelijk bij elkaar halen, vraag dan bij je huisarts na of dat in jouw geval kan.

Hoe weet ik of mijn praktijk vertraging heeft?

Dat hoor je aan je uitnodiging. Praktijken wisten eind juli en eind augustus al waar zij aan toe waren en hebben hun prikdatum daarop aangepast. Staat er een latere datum op je brief dan vorig jaar, dan was jouw praktijk er een van. Bellen heeft weinig zin; de praktijk kan de levering niet vervroegen.

Hoeveel mensen krijgen jaarlijks griep?

Ongeveer 1 op de 15 volwassenen in Nederland krijgt per jaar griep, en naar schatting 4.000 mensen overlijden eraan. Die cijfers komen van het RIVM, dat erbij zegt dat 25 tot 40 procent van die besmettingen zonder klachten verloopt. Ze schommelen sterk per seizoen, omdat de ene epidemie zes weken duurt en de andere negen.

Deel dit artikel

Hoe we dit artikel hebben gemaakt

Eerste publicatie op , laatst bijgewerkt op . Onze redactie heeft dit artikel gecontroleerd op feiten, cijfers en bronnen.

Zie je een fout, of mis je iets? Laat het ons weten, dan zoeken we het uit en passen we het artikel aan. Zo werkt onze redactie.

Bronnen

  • Stichting Nationaal Programma Grieppreventie, vragen en antwoorden over de verlate levering van griepvaccins. De drie oorzaken van de vertraging, de grens van 13 oktober, de uiterste leverdatum van 30 oktober, de voorlevering van 10 procent en het nabestellen vanaf eind november.
  • Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, voor wie de griepprik is en waar en wanneer je hem haalt. De leeftijdsgrens, de volledige lijst met aandoeningen, de route via het consultatiebureau voor zwangere vrouwen, wie de prik betaalt, de uitnodiging in oktober of november en wat je doet als die uitblijft, en het antwoord op de vraag of prikken in december nog zin heeft.
  • Nederlands Huisartsen Genootschap, start van het vaccinatieseizoen 2026. De uitbreiding met beroepen die met dieren werken, de cohorten voor de pneumokokkenprik, de periode van de coronaronde en wie zich daarvoor zelf moet aanmelden.
  • Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, hoe de griepprik werkt en wat de bijwerkingen zijn. Het vaccin tegen drie virussen, de twee weken opbouw, de bescherming van ongeveer zes maanden, waarom je van de prik geen griep krijgt, en de gewone bijwerkingen met hoe lang ze duren.
  • Cochrane, griepvaccinatie bij mensen van 65 jaar en ouder. De daling van 6 naar 2,4 procent griep en naar 3,5 procent griepachtige klachten, de 30 en 42 prikken per voorkomen geval en de cijfers over koorts.
  • Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, feiten en cijfers over griep. De 40 procent als tienjaarsgemiddelde, 1 op de 15 volwassenen, de 4.000 sterfgevallen per jaar en dat je na de prik minder besmettelijk bent.
  • Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, terugblik op het griepseizoen 2025 en 2026. De samenstelling van het vaccin, de duur van de epidemie, de gemeten bescherming per virustype en het ontbreken van de B-Yamagata-lijn.
Team Kennisdomein

Geschreven door

Team Kennisdomein

Team Kennisdomein is de redactie van Kennisdomein. We maken onderwerpen die ingewikkeld lijken begrijpelijk voor iedereen, in gewone taal.

Schrijft over Maatschappelijk, Wereld, Ondernemen en Producten.

Verder lezen in Maatschappelijk

Alle artikelen in Maatschappelijk